Woensdag, 04 februari 2015, Straitsquay Marina en Little India.


Wat een indrukwekkende dag gisteren. Vandaag gaan we nog een keertje met de

bus naar Little India, misschien kunnen we dan toch nog een blik op de Silver Chariot

werpen, zou leuk zijn, maar echt noodzakelijk is het niet. We stappen uit bij Ford

Cornwallis, we willen daar doorheen lopen op weg naar de Lebuh Chulia. Je moet

toegang betalen, dat is niet erg, maar toeristen moeten het dubbele betalen van de

toegangsprijs voor de Malayers. 20 RM per persoon, daar kunnen we ook van

lunchen, daar hebben we geen zin, dus we keren om en lopen buiten om. In Little

India is op dit moment weinig te beleven, wel zijn ze weer bananenbomen ter

decoratie aan het aanbrengen, maar zo te zien, kan het nog wel even duren. We

lopen door naar de Jalan Penang, gewoon even winkeltjes kijken. Al met al lopen we

weer een fiks stuk, dat was eigenlijk niet de bedoeling voor vandaag. In de Komptar

Shoppingmall hangen we nog even de pias uit, we willen een foto maken van ons

twee met de feestelijke Chinese lampionnen op de achtergrond om te gebruiken als

verjaardagskaart voor Mirella. De ene foto werd nog stommer dan de andere, alle

mensen blijven staan kijken, we blijven maar proberen, deze konden er nog een

beetje mee door.


 


Op de terugweg stappen we op bus 103, die stopt ook bij onze halte volgens het

bordje aldaar en alle folders, waarmee ik continue loop te zeulen. Leuk een keer een

andere route. Nou anders werd het zeker, eerst redelijk de goede kant op en net

toen we in de buurt kwamen ging deze bus linksaf ipv rechtsaf. Hee dat is raar,

maar we blijven lekker zitten, we zullen er wel komen, onderweg zien we dat er

allemaal stalletjes gebouwd worden, dus dit wordt de route van de Silver Chariot.

Er worden mooie schilderingen op de straat aangebracht, met bananenbomen en

bloemen worden de stalletjes versierd en overal liggen weer grote zakken vol

kokosnoten klaar. Stapels en stapels, ook zien we een vrachtwagen vol losse

kokosnoten rijden, die de diverse lokaties bevoorraadt. De kokosnoten worden

massaal stuk gegooid op straat, als symbool om het eigen ego ondergeschikt te

maken aan dat van de God Murugan, met de melk wordt de straat gereinigd en

geheiligd, dit alles gebeurd vlak voor de Zilveren Wagen, de Hindu's leggen offers in

de wagen, die worden aangenomen en andere offers worden dan weer

teruggegeven, intussen ruimt een ploeg mensen de stukgegooide kokosnootdoppen

weer op, lijkt ons toch wel gaaf om te zien, zeker nu je ziet hoe druk ze met de

voorbereidingen bezig zijn.

Maar afijn, wij zitten nog steeds in bus 103, die weer meer richting binnenstad gaat,

Roderick gaat toch maar eens met de chauffeur praten, niet dat dat wat uit maakt.

De chauffeur zegt dat hij die halte van ons helemaal niet aan doet, nooit, maar er

staat een bushalte met het schema van 103? Nee, dat kan niet vindt hij. Waarom

heeft hij ons dan kaartjes verkocht?? Nou laat maar, we gaan gewoon weer mee

naar het eindpunt en stappen daar op de 101. Intussen zijn we wel alweer een uur

verder en nog een uur te gaan. We proberen te plannen hoe we de ceremonie van

vannacht bij kunnen wonen. Om 23.00 uur gaat de laatste bus, Maar het is nu al

bijna 20.00 uur, dus voor we thuis zijn, moeten we dan al weer weg en eigenlijk zijn

we al heel moe. Die wagen rijdt in de nacht. Weet je wat we nemen een taxi om

4.00 uur 's ochtends en dan gaan we met de eerste bus terug, dan kunnen we nu

even rust nemen. Goed plan. Dus wij bij aankomst meteen langs de taxi standplaats

om te vragen wat ons dat gaat kosten. Nou geen probleem, er rijden gewoon geen

taxi's om die tijd, alleen van en naar het vliegveld. Nu geven we het op, geen Silver

Chariot voor ons. Jammer dan.


Donderdag, 05 februari 2015, Straitsquay Marina, Penang.


Mirella, die is Jaarigg, Mirella die is Jaarigg!!!!

We hadden plannen om vandaag wat nuttigs aan het schip te doen, maar dat moet

maar een dagje wachten. We houden een lui dagje gewoon aan boord. Daar zijn we

wel aan toe.


Vrijdag, 06 februari 2015, Straitsquay Marina, Penang.


Er moet nodig eens wat aan het schip gedaan worden, de kit van de gootsteenbak is

door de hitte gaan "weglopen", daardoor gaat de bak wat lekken. Daarvoor moeten

de kastjes leeg, het gereedschap te voorschijn gehaald, de kit ligt natuurlijk

helemaal achter in onze opslaghut, gootsteenbak los maken, en ga zo maar verder.

Roderick ligt in een bocht in het aanrechtkastje, dat heeft hij wel vaker gedaan,

maar hij vindt het nog steeds niet leuk. Ik heb de gordijntjes allemaal gewassen, die

hangen ook weer proper te wezen. Als we volgende maand naar Nederland gaan,

willen we het schip natuurlijk weer Spic en Span achterlaten en daarna gaan we veel

en lang varen, dus alles moet klaar zijn.

In de avond hebben we afgesproken met Sjoerd en Lies van de Isis, een

Nederlandse boot uit Makkum, zij komen gezellig wat bij ons drinken. Friezen, leuk

die weten precies waarover wij het hebben, we praten hier in Penang, Malaysia over

de boten die in de haven van Ootmarsum, Friesland, liggen. Zij kennen Anjum, wij

kennen Makkum. De wereld is niet zo groot.


Zaterdag, 07 februari 2015, Georgetown.


Roderick wil vandaag even kijken bij een hardware store, uiteraard moeten we

daarvoor naar de stad en wel met bus 101 natuurlijk. Dan willen we meteen de

Gurney Paragon Plaza, en grote moderne shoppingmall gaan verkennen, dan wat

eten en dan op de bus naar de Kok Lek Si tempel buiten de stad om de verlichting te

zien. Dit was het plan, maar dat liep wat anders. Om te beginnen zou de chauffeur

ons waarschuwen, we rijden namelijk over een andere weg heen en dan kun je het

pand niet zien. We zagen al snel zelf dat we te ver waren, tijd om het plan aan te

passen dus. We zijn nu in de buurt van de Wat Chalya Mangkalaram tempel,

beroemd om zijn liggende Buddha van 33 meter lengte. Kunnen we die net zo goed

nu gaan bekijken. Nou dat was zeker de moeite waard, wat een schoonheid van een

tempel, zo mooi gemaakt. De tempel van buiten is al prachtig om te zien, op het

voorplein twee enorme wachters met ieder twee 30 meter lange draken om de

demonen weg te houden, de draken zijn gemaakt van spiegelend gekleurd glas, zo

mooi om te zien.



Het is zo'n prachtig geheel, met schuin daarachter de goudkleurige pagode met de

figuurtjes er op, die ik een paar dagen terug al gepubliceerd heb. De bouw van de

tempel is door een Thaise Buddhistische Monnik gestart in 1845. Het Thaise

gouvernement en de Thaise Koninklijke Familie, Koning Phumibol, Koning Sirikit en

de Koningin Moeder hebben ook grote donaties gedaan.

Schoenen uit natuurlijk en dan snel op je tenen over de hete stenen naar binnen,

heh, wat een heerlijke koele tegelvloer. Binnen zie je direct het grote liggende beeld

van de Reclining Buddha, met een bladgouden mantel, hij ligt op zijn rechterzij met

een vage glimlach op zijn gezicht, op het punt zijn reis naar het Nirwana te

beginnen.



De vloer is gemaakt van grote groenige tegels met roze lotusbloemen erop, de

muren zijn paars en dan helemaal opgevuld met kleine gouden Buddha's in relief.

Het is een wonderschoon geheel.


 


Natuurlijk staan er overal beelden van Buddha in al zijn verschillende staties.


 


Je kunt voor 1 Ringgit een zegeltje bladgoud kopen, dat plakken de gelovigen dan

op een beeld, dat brengt geluk, bij deze Buddha stond een bordje, dat dit niet mag,

maar zo te zien houdt niemand zich er aan. Achter de grote Reclining Buddha is een

lange gaanderij met 2 meter hoge Buddhabeelden op en rij, de achterwand is een

urnenwand, daar wordt de as van de gelovigen in echte Chinese potten bewaard.

Nr 007 is nog vrij, dat is maar goed ook, want die is nog bezig met een nieuwe film

te maken.


 


Aan de kopse kant kijk je tegen Buddha's bevallige voetje aan, van een meter of 2,

overal zijn afbeeldingen in bladgoud die verhalen over het leven van Buddha, hier

met de Diva's, hemelse bewoners.

 

 


Een tempel heeft ook inkomsten nodig, voor 50 Ringgitcent kun je het rad van

fortuin je geluk laten voorspellen. Nou dat had hij beter niet kunnen doen. De zijne

was al niet best, maar de mijne was helemaal slecht.


 


Het is dus hoogste tijd om een kaarsje te branden, dan kunnen we het misschien

weer goed maken.


 


We gaan weer verder kijken, naar buiten de hitte in, onze schoenen weer aan, even

langs de draken


 


en dan zijn we alweer in een andere klein soort tempeltje met en altaar, ook weer

vol moois. Dit duidelijk herkenbaar Thais, veel olifanten en zo. Schoenen weer uit,

schoenen weer aan, paadje over steken, schoenen weer uit, schoenen weer aan.

Daarom dragen we slippertjes.



En de volgende. Hier richt je je tot een heel wijze man....



Die draken hebben toch wel ons hart gestolen.



Het is werkelijk een prachtige tempel, maar het wordt tijd om letterlijk een deur

verder te gaan. Door de blauwe poort verlaten we de What Chayamangkalaram

Temple, we steken de straat over en lopen dan de gele poort binnen van de

Dhammikarama Burmese Buddhist Temple, ook zo een wonderschoon complex.


 


Deze tempel is in 1803 gesticht door een Birmaanse dame, Nyonya Betong, die

samen met drie andere vrouwen een stukje land van de Engelse Queen Victoria

kocht, Malaysia was een Engelse kolonie, voor het bedrag van 390 Spaanse dollars.

Hierop bouwde ze en met riet gedekte hut om hun erediensten te kunnen houden.

0Twee eeuwen later staat er een enorm complex met schitterend onderhouden

kunstzinnige gebouwen. Ook hier is het weer een feest om er doorheen te mogen

lopen. Zooo Moooiii.



Via een lange gang kom je binnen, er heerst een serene rust, alleen daarvoor wil

je al een tijdje in de tempels doorbrengen. Wil je middenin blijven staan, lopen de

mensen gewoon om je heen, wil je een poosje voor een altaar zitten, kan ook,

iedereen laat een ander zijn gang gaan. De hal is behangen met grote "schilderijen"

die op volgorde de belevenissen van de Indiase prins Siddharta Gautama weergeven

op zijn reis naar Verlichting, waardoor hij uiteindelijk Lord (God) Buddha wordt. De

afbeeldingen hebben een stukje ondertiteling, zodat je begrijpt wat je ziet.


 


Vanuit de gang loop je naar de Sima Shrine Hall,  waar een 8,20 meter hoog beeld

staat van Buddha. Je komt van zo dichtbij binnen, dat je echt helemaal tegen hem

op moet kijken.


 


Hoofd en handen van Buddha zijn van massief marmer, het lichaam is bekleed met

marmer. In 1990 heeft er een grootschalige renovatie plaats gevonden van dit

altaar, wat dateert uit 1838. 60 handwerkslieden zijn uit Burma ingevlogen, kosten

noch moeite zijn gespaard om deze hal te restaureren. Het ziet er werkelijk perfect

uit. Het gebaar van Buddha's rechterhand is het teken voor universele bescherming,

de linker maakt het symbool van miriaden zegeningen voor een ieder. Achter Buddha

een boog van opengewerkt goud en daarachter dan weer een wand van

kleine marmeren Buddha's, de resterende ruimte en het plafond is bekleed met

teakhout waar in houtsnede het verhaal van Buddha's journey afgebeeld wordt.

Erachter is weer een lange gang met 2,40 meter hoge Buddha's, die verbeelden de

oude koninkrijken en landen in Azie waar het Boedisme gepraktizeerd wordt. Ieder

beeld heeft de landseigen kenmerken, je kunt echt het verschil zien.

 

 


We gaan weer een stukje verder, het complex door, voorlopig zijn we nog niet weg.



Buiten is een soort prieel uiteraard staan daar ook weer heilige beelden omgeven

door een vijver vol Koikarpers. Joekels zwemmen er tussen. Verder afbeeldingen

op de muur van de legende waarbij dan weer een fontein geintregreerd is.


 


En hieronder de bewakers/ beschermers van de wereld, de Panca Rupa. De beesten

hebben een slurf van een olifant, oren van een paard, hoeven, het gezicht van een

leeuw, horens van een hert, het lichaam van een vis en vleugels van Garuda, de

Godvogel. Dit multi-dier verbeeldt zijn beheersing over land, lucht en water.



En dan komen we het volgende tempelhuis binnen, er zijn net 3 monniken uit Burma

aangekomen, die de tempel komen bezoeken, samen met familie of zo. Ook zij

willen graag bij al dit moois op de foto net als wij.



De oude monnik vraagt waar wij vandaan komen en vindt het op zijn beurt speciaal

dat wij daar lopen. De jonge monnik is ook druk bezig met fotograferen, ik ga netjes

voor hem uit de weg, maar hij haalt me terug, ik begrijp niet goed wat hij bedoelt,

maar hij wil met mij op de foto. Ik voel me zeer vereerd, ik ben er verlegen van.


 


Binnen en buiten weer zoveel mooi en natuurlijk willen we graag nog op de foto bij

weer een andere draak.


 


Nu nog alleen de Pagode beklimmen, dan hebben we bijna alles gehad, we lopen al

uren en ons hersenschijfje zit aardig vol. Hup daar gaan we weer. Helemaal tot aan

de top, op iedere verdieping staan weer marmeren beelden, de meesten zijn

gedoneerd door familie's, hun namen worden erbij vermeld. Best slim, zo komt de

ruimte ook vol.


   



Van bovenaf kun je goed zien wat een gigantisch complex het is en temidden van

een woonwijk.


 


Ook monniken hebben wasdag.


   


We gaan weer naar beneden, onze voeten zijn bijna totaal afgesleten, tijd om de

gewone wereld weer eens op te zoeken, kortom tijd voor een lunch en een stoel.

Onderweg naar de Gurney Plaza Paragon maken we toch maar eerst een stop, het

is verder lopen dan we dachten. We passeren het restaurantje met de heerlijke

gekoelde verse kokosnoten en bestellen daar meteen wat te eten. Phoe, Phoe, dat

voelt goed. Daarna hup weer in de benen. Gurney Plaza Paragon hebben we nog niet

van binnen gezien. Wat een luxe, er wordt op het binnenplein net een autoshow

opgebouwd, er staan al 3 Ferrari's Testarossa's en aan de andere kant de Gele

Ferrari's. Binnen is het Rolex, Tagsheuer, Versace, Michael Kors en alle andere dure

jongens, nou niet zo moeilijk om de beurs gesloten te houden, buiten dat het

allemaal veel te duur is, heb ik er ook geen enkel verlangen naar zo iets te bezitten.

Het centrum is ook weer schitterend gedecoreerd, daar komen we onder andere

voor. De lampionnen hangen 8 verdiepingen naar beneden. We gaan tot helemaal

boven, want daar schijnt een bioscoop te zijn, daar willen we even rondneuzen.

Vanaf hier lopen we dan naar de aangrenzende Tower met winkels, een shopping

mall hier moet je niet vergelijken met een Bijenkorf of zo, maar meer iets in

afmeting van de Maxis bij Muiden en dan 8 of 10 verdiepingen hoog. We maken

vandaag die marathon wel vol. Het foodcourt hier ziet er geweldig uit, jammer dat

we net gegeten hebben, we vinden zelfs een shoarmazaak. We staan weer op

straat, 10 minuten verder is de Gurney Plaza, ook weer zo'n joekel, daar willen we

ook nog even naar binnen. 



Kijk nou, wie hebben we daar? De G.O.P. in eigen persoon. De afkorting staat voor

God  Of Prosperity. Kompleet met afgezakte baard, net als bij ons Sinterklaas of de

Kerstman.


Het plan om de Kok Lek Si tempel bij avond te bekijken, hebben we al laten varen,

plannen zijn er om aangepast te worden, dat leer je vanzelf op een boot. Tempels

hebben we voor vandaag al genoeg gehad. We hebben zeer moeie voeten, weet je

wat, hier is ook helemaal boven een bioscoop. Laten we daar eens gaan kijken.

En zo zitten we een half uur later in heerlijke luie stoelen in een ultramoderne koele

cinema naar Jupiter Ascending te kijken.


 


Twee uur later lopen we terug naar de Plaza Paragon, want onderhand is het weer

tijd voor het avondeten, wij naar de Shoarmazaak, kipshoarma wordt het, lams-

is al uitverkocht, het is ontzettend lekker. Nu kunnen we de lichtjes hier bij avond

bekijken.


 


Tot slot maken we nog een extra busrit van een uur om de rest van de stad te zien

en gaan dan 45 minuten bussend naar huis, nog 15 minuten lopen, dat werden de

zwaarste minuten van vandaag. We hebben onze dag wel besteed. Nog 1 week te

gaan in Penang, vandaar mijn haast om alles te zien, we zijn hier maar 1 keer in ons

leven. Mirella vroeg zich al af of er in Malaysia soms meer uren in een dag zitten.

Nee helaas niet, we hadden ze goed kunnen gebruiken.


Zondag, 08 februari 2015, Straitsquai Marina en Batu Ferringhi.


We voelen ons lijf wel, tjeetje. Vandaag doen we niks, denken we. Maar er moeten

wel dringend wat emails afgehandeld worden. Met de volgende Marina, met een

paar cruisers, met immigratie New Zealand, we kregen een soort evaluatie

opgestuurd of we daar aan mee wilden werken. Doen we, misschien kunnen we de

boel nog wat oprakelen, je weet maar nooit. Alleen hebben we onlangs de computer

opgeschoond en de hele correspondentie verwijderd, toch niks meer aan te doen.

We zijn er toch weer een stief kwartiertje me bezig. Dan gaan we na, wat we (ik)

eigenlijk nog allemaal wil doen hier in Penang, we hebben al een hele lijst afgewerkt,

maar die groeit steeds weer vanzelf aan, lijkt het. Ik wil nog graag naar het strand

bij Batu Ferringhi, een uur met de bus naar het Noorden, die kant zijn we nog

helemaal niet opgeweest. Ach zegt Roderick, laten we dat dan maar meteen

vandaag doen, dus rugzak gevuld en op weg naar de bushalte. De tocht is leuk,

direct langs de kust, hoog over de bergen. Batu Ferringhi is echt een toeristen

plaats, de weg naar het strand is omzoomd door stalletjes met T-shirts, Pareo's en

sieraden. Wel gezellig. Het zand is heel grof, de zee ruig, veel stroming en wervelend

zand. Ik had de badspullen ingepakt, maar daar is geen sprake van. We lopen een

eind langs zee door het water, heerlijk.


 


We worden vriendelijk verzocht een stuk hoger te gaan lopen, een parasailing

parachute gaat landen. Nou dat doen ze keurig.


 


We lopen meer dan een uur, dan staat er een man te zwaaien met een menukaart

bij een tafeltje op het strand in de schaduw van de palmboom. Yes, dat doen we!

Eigenlijk zijn we nog doodop van gisteren, maar dit is een uitstekend alternatief.

Ik kan al bijna nooit blijven zitten, maar zo met mijn voeten in het zand en uitzicht

op zee in afwachting van onze Mixed Grill schotel van de BBQ kan ik het lang

uithouden. We genieten van het eten en elkaar en maken dan aanstalten om weer

terug te gaan lopen. Nog even naar het toilet.


 


Die is een stukje verderop op het strand, okay wij daar naar toe. Het is een oude

ooi, kost ook nog 1 RM, maar laten we het maar doen, we moeten nog meer dan

een uur lopen, nog een uur met de bus en dan naar de marina lopen. Het is binnen

een afbraak, Roderick mag eerst, dan kan ik even later in het herentoilet. De deur

durf ik niet dicht te doen, want die krijg ik nooit meer open vermoed ik, dus Roderick

posteert zich in de ingang. Letterlijk alles is afgebroken, tot onze stomme verbazing

blijkt het water ook niet te werken, ja dat is zo vertelt de man stralend. Eigenlijk

moet ik er vreselijk om lachen, die man heeft zijn bijverdienste gevonden. Aan het

eind van het strand zit een public toilet, voor 0,20 RM kun je daar gebruik van

maken, netjes schoongehouden naar Malay maatstaven. Lachen toch, zijn we er

toch in getuind. Als we naar de bus lopen, zien we aan de overkant een bank met

een ATM machine, die hebben we nodig. Oversteken is een riskante business, altijd

en overal is het hier barstensdruk op de weg, dan moet je over de open

waterafvoeren heen, stukje berg op, trappen op, in de rij bij de ATM en na een half

uur als je aan de beurt bent, weet die machine te melden, dat je een ongeldige pas

hebt. GRRRRRR.

Hordenloop terug, hee daar is een Petronas benzinestation, vaak hebben ze daar

geldautomaten staan, dus nu hordenloop de andere kant op en ja hoor, we hebben

weer Ringgits. Dan komt natuurlijk net de bus eraan, moeten we een sprintje

trekken dwars over de drukke verkeersweg. Yes, gehaald. Als we aan boord

terugkomen is Roderick Out of Order, die gaat even naar bed. Ik moet dringend aan

mijn website, er is nog zoveel te melden, nog 600 foto' s door te werken en uit te

zoeken. Ik houd vol tot 18,30 uur, dan verzamel ik de was, stop die in het

havengebouw in de machine, ga dan zelf douchen, schoon en netjes kan ik dan het

shoppingcentre in, waar een voorstelling gegeven wordt van Chinese dansen. Erg

leuk gedaan, met veel elan uitgevoerd in sprookjesachtige kleding. Na afloop haal ik

de was op, loop naar het schip terug, hang de was op en intussen is Roderick ook

weer present. Tot vannacht 2 uur zit ik aan de website en ik ben pas 1 tempel

verder....


Maandag, 09 februari 2015, Straitsquay Marina.


Geen plan gemaakt, maar ik wil die website wel een keer af hebben, dan kan ik het

loslaten, iedere keer denk ik: Oh, dat wil ik er ook nog in hebben, dat wil ik ook laten

zien. Zo uit bed direct er tegen aan. Nu is het 13.00 uur, het is mooi geworden, hij

kan gepubliceerd worden. He he. Nu even lekker in de kuip zitten.


Dinsdag, 10 februari 2015, Straitsquay Marina en Kok Lek Si


Vanochtend meteen aan de slag met nuttige zaken, belastingdienst, Rabobank. Niet

zo heel moeilijk, maar heel lastig als net het Internet supertraag is, bij ieder veld

moet je even geduld hebben voor het volgende. Verder nog wat emails naar de

diverse cruisers en de familie. Uren ben je er op deze manier zoet mee.

Zo ik mag weg van mezelf. Roderick stelt voor om vanavond naar de Kok Lek Si

tempel te rijden om de verlichting te zien. We stappen op 16.00 uur op de bus en na

een keer overstappen, komen we rond 18.00 uur aan onder aan de heuvel waarop

de tempel staat. Die lange busritten zijn niet onaangenaam, prima zitplaatsen,

schone bussen, nergens iets kapot of graffiti, iedere bus is airconditioned, dus

eigenlijk rusten we lekker uit tijdens zo'n rit, terwijl we lekker zitten te kijken en dat

voor 2 kwartjes per persoon.

We gaan eerst een eettentje zoeken. Allemaal Chinezen, een foodcourt buiten,

overal stalletjes, maar vanwege de droogte van de laatste tijd, stinken de

waterafvoeren nogal. Dus we zoeken nog even verder. We komen terecht bij een

aggenebbish Chinees, maar het voedsel ziet er goed uit, dus wij in de rij, je moet

zelf aangeven wat je wilt hebben, maar de bakken zien er wat onduidelijk uit. Bijna

niemand spreekt Engels, dus het is lastig kiezen, we willen bij deze hitte zeker geen

vis kiezen, daarbij wordt al het eten hier overal gewoon in stukken gehakt, zowel de

kip, als de vis, als het lamsvlees. Dus in de curry vindt je overal stukjes bot of graat

en moet je pulken, daar hebben we niet zo'n zin in, dus meestal kiezen we een duur

kipgerecht ( 8 RM) dat boneless is. Iedereen staat ons in de gaten te houden, wat

we gaan nemen, we zijn de enige blanken en dat vinden ze toch wel wat. We zien in

de etalage nog een onduidelijk stukje vlees liggen, doe dat er ook maar bij en de

groenten zien er ook goed uit. Kortom een netjes gevuld bordje, grote fles water

erbij, er wordt een tafeltje achterin voor ons vrijgemaakt, tussen de voorraden, de

schoenen van de mensen, de teilen afwaswater en dan verrassing: het smaakt

superheerlijk. Het vlees blijkt geroosterd, gekruid varkensvlees te zijn, zooo lekker,

de groenten zijn knapperig, de saus is heerlijk. De prijs: 5,25 euro voor alles bij

elkaar.


 


Dan wandelen we naar de tempel, het is wel erg stil, nou dat klopt alles is

afgesloten. We wachten buiten tot het donker wordt, om de lichtjes te kunnen zien.


 


We raken in gesprek met een Canadees en een Thaise, die ook voor de lichtjes

kwamen. Dan komt er een rappe hoogopgeleide Chinese voorbij, die vertelt, dat

over een paar dagen de lichtjes aan gaan, maar dat ze vandaag aan het testen zijn.

Nou dan pikken we er toch nog iets van mee. Ze heeft enorme haast, maar wil van

alles van ons weten, intussen ratelt ze door over Buddhisme, Wereldverbetering,

Koningin Beatrix en nog veel meer, in een tempo, dat zelfs ik niet kan bijbenen. Ze

heeft haast, nog een telefoontje tussendoor, haast, haast, maar wil ons toch nog

een kadootje geven en trekt 1 RM uit haar portemonnee. Wat zullen we nou

krijgen? Ze blijft maar kreten op ons afvuren, echt als een mitrailleur, zonder enige

adempauze, intussen vouwt ze van het biljet een origami hart en helpt het andere

stel om tegelijkertijd mee te vouwen. Leuk intermezzo en een waardevol kadootje.

Intussen is het donker.


 


We gaan gauw op weg naar de bushalte, die hebben we op de heenweg al

opgezocht, we moeten weer een uur terug en dan op de volgende bus nog een uur.

Het eerste stuk hebben we een bus voor ons alleen, 0m23.00 uur rijdt de laatste

bus. De voorlaatste bus loopt propvol. Prima gelukt allemaal.


 


Woensdag, 11 februari 2015, Straitsquay Marina, Penang.


We wisselen de dagen een beetje af om ons lijf een beetje rust te geven, we gaan

het wel merken nu. Daarbij moeten ook kasten nagekeken worden om te kijken wat

er mee naar Nederland moet. Dat is nogal wat.'s Avonds wandelen we alleen naar

de Tesco, 20 minuten verderop bij de bushalte, om daar in het foodcourt te gaan

eten. Al zo vaak gezegd, uit eten is voordeliger dan eten kopen in de supermarkt en

zelf maken. Nou ik vind het prima, er zit hier een Indier om letterlijk je vingers bij af

te likken, dat doe ik dan ook, want we eten al weken met onze handen, zoals hier bij

de locals gebruikelijk is. Vaak krijgen wij als blanken dan nog wel een vork en een

lepel, een mes hebben we nog nooit gehad.


Donderdag, 12 februari 2015 Straitsquay Marina en Jalan Penang.


Vanmiddag willen we de Jalan Penang, Penang Straat, rustig gaan bekijken. Er zijn

winkeltjes met zulke leuke spullen en alle andere keren waren we al zo moe voor we

er langs kwamen, dus vandaag beginnen we daar. Het verkeer in Georgetown is

altijd loeidruk, op welk moment van de dag ook, wij staan met de bus ook

regelmatig in de file. Ook hier weer decoraties ter ere van het Year of the goat.


 


De winkeltjes zijn geweldig, allemaal kleurrijk India spul, mooi mooi mooi, je loopt

echt te watertanden, maar helaas het meeste is in maatje 32 en XXL is dan zo'n

beetje maat 36/38. Antiekshops met oude meuk voor veel geld, winkeltjes met

hebbedingetjes, maar het meeste laten we aan ons voorbij gaan.

Een riksjarijder wacht op klanten en doet ondertussen een tukkie.



Op het laatst raken we verzeild in en supermoderne garen en band winkel.

Luilekkerland, Oosterse knopen, meters gekleurde bandjes gekocht en eindelijk

draken gevonden. Meneer was zo vriendelijk een doos uit de voorraad te halen, om

te kijken of er wat voor ons bij zat, ook in zijn eigen voordeel natuurlijk. Maar hij liep

continue te giechelen, als ik weer met een klos band aan kwam en Roderick zijn act

opvoerde van Zij is de Baas.

Daarna is het de hoogste tijd voor onze geliefde bezigheid: Uitheems eten.


 


Een heel nette zaak, ruim opgezet, allemaal foto's van oud Penang aan de muur.

Hier komen wat meer orthodoxe Indiers, islamitisch denk ik. Baarden, geborduurde

mutsjes en later ook tulbanden.


 


Intussen is het over 20 minuten donker, dus tijd om een bus te pakken naar huis.

De halte is moeilijk te vinden, de paal staat verdekt achter de banner van een

stalletje. Maar we zijn er wel handig in geworden, je moet ze duidelijk aanhouden,

nou Roderick zie je niet zo gauw over het hoofd.


 


Vrijdag de 13e februari 2015, Straitsquay Marina, Penang.


Niet zo moeilijk, vandaag doen we niks, we kijken wel uit.


Zaterdag, 14 februari 2015, Straitsquay Marina en 3 Chinese tempels.


We vertrekken al weer vroeg met de bus, we hebben alleen nog de grote Chinese

Khoo Kongsi tempel op ons lijstje staan. We hadden liever nog en dagje uitgerust,

maar we weten nog steeds niet of we morgen de haven moeten verlaten of niet.

Van de week spraken we John, die zei dat hij misschien iets kon regelen, maar het

was nog niet zeker. Dus daar gokken we niet op. Deze foto's illustreren wat

Roderick eigenlijk een reus is vergeleken de mensen hier. Naast hem in de bus zit

een normale volwassen vrouw en bij het afrekenen in het lunchrestaurant zie je

ook wel enig verschil.


 


We starten na aankomst heel slim direct met een lunch, als we eerst de tempel nog

moeten zoeken en dan van voor naar achter en van onderen naar boven bekijken,

val je onderhand van je graatje, dus dat gaan we nu verstandig aanpakken. Dit

restaurant bezoeken we wel vaker, het eten is prima, bedienen weten ze hier in

Malaysia niet zoveel raad mee. We krijgen schoteltje voor schoteltje en glas na

glas geserveerd. Hoewel ze hier wel proberen om ons eten gelijktijdig klaar te

hebben, dat maken we ook vaak anders mee, dan is de een al klaar en zit de ander

nog te wachten. Voor ons niet zo'n punt, we beginnen gewoon samen aan wat er

al is. Maar altijd en overal wordt het eten vers bereid, daar wachten we graag even

op. En het leuke van wachten is mensen kijken, daar krijg je nooit genoeg van.


 


Dit mannetje in zijn blauwe jurk was zo'n ouwe zeur, hij kwam met allerhande

bonnetjes, hield de kok steeds van zijn werk, dan komt hij weer terug, moet hij

weer en extra plastic zakje, dan wandelt hij naar buiten, komt weer terug, zet zijn

zak met afhaal eten bij ons op de tafel, gaat in discussie over de prijs, pakt allerlei

kassabonnetjes, die niet van dit bedrijf zijn, wordt weer tevreden gesteld, loopt dan

zijn zak met eten weer te zoeken, die een van de bedienden bij ons van tafel heeft

gehaald. Ze kregen er een sik van. Het is trouwens grappig afhaal eten gaat gloeiend

heet gewoon in een plastic zakje, hete curry in een zakje. Bij de marktstalletjes

krijg je zo ook  je soep mee, in een boterhamzakje met een rietje, dichtgedraaid

met een lintje om vast te houden. Malay mensen eten bijna allemaal buiten de deur,

met hun babies mee, op de brommer, onder een boom, op de grond overal zie je

etende en ook slapende mensen.

 

 


Penang is een smeltkroes van culturen, Moslima's naast sexy meiden, orthodoxe

moslims in witte kaftans, Indiers met hun lange bloesjurken en geborduurde

mutsjes, de Indiase meisjes in superslanke beeldige jurkjes, de Indiase dames in

prachtige sari's, de Japanse toeristen in vormeloze bloemetjes zomerjurken met

flapzonnehoeden, Chinese meisjes in hotpants zo hoog opgesneden dat ze de vagina

amper bedekken, Chinese jongens met echt rare petten en Tshirts met de meest

vreemde teksten, grote zonnebrillen. Chinese volslanke dames in Hello Kitty kleding

met dito tasje, verder de lokale oudere Chinesen in flitsende vormeloze

joggingbroeken op sloffen. En natuurlijk de Nederlandse toeristen stevig

doorstappend op hun Birkenstocks en niet te vergeten de talloze Aziaten met een

mondmasker voor.


   


Even later hoor ik muziek, 1 saxofonist, later 1 trompettist, daarachter 1

trommelaar, vooraf gegaan door een lege draagstoel. Het blijkt een begrafenisstoet

te zijn.


 


 


Na het eten wandelen we langs de versierde straten richting Khoo Kongsi tempel.

Maar wat doe je dan als je langs de prachtig beschilderde open deuren van de Han

Jian Ancestreal Temple loopt van de Teochew Clan. Juist dan ga je daar ook even

binnen kijken.


 


We betreden de mooie hal en zie dan een roze kinder campingbedje staan met

daarin een huilend kindje en een opgerolde volwassene. Zijn we nu in een huis of in

een tempel naar binnen gegaan? Het is echt een tempel, we knikken de mensen

vriendelijk toe en lopen gewoon door.

Het altaar is zo als altijd weer prachtig, hier staan er grote torens mandarijnen

opgetast als offergaven. Overal zie je mandarijnen, hele winkels met gangen vol

oranje gekleurde dozen mandarijnen, symbool voor voorspoed.

 

 


Langs de wanden hangen borden ter informatie over de geschiedenis van de tempel,

de betekenis van de voorwerpen en de onlangs verrichte restauratie. De dikke

balken waren door termieten tot een dun randje uitgehold.


 


Als we weer weggaan zitten kindje, moeder, zus op de heilige stoelen gezellig wat

te knabbelen, ook oma is er bij gekomen.


   


Dit is zo typisch Chinees, die meuk overal, dat zie je in vooral de kleine tempels,

maar ook in de restaurants. We gaan weer verder.

Dan hebben we de Khoo Kongsi tempel gevonden denken we. Hee, dit is waar laatst

dat vuur voor de deur was.



Buiten onder het afdak staan stenen pilaren helemaal uitgesneden van onder tot

boven. Het altaar gedeelte is wederom prachtig. Een tempel bestaat altijd uit

verschillende tempels, zalen achter en naast elkaar.


 


Hier is de tempel waar de voorouders geeerd worden.



Alles is ook weer zo prachtig bewerkt en versierd, dat je door de hoeveelheid het

nauwelijks kunt zien. Hier bij de uitvergrotingen zie je pas, hoe kunstig het allemaal

gemaakt is.


 


Centrum van het altaar zijn dus de voorouders, kleine popjes gehuld in zijden

gouden jasjes. Verderop staat een zitje van Chinees porselein, daar gaan we beter

maar niet op zitten.


 


Nou hartstikke mooi, we zijn klaar, we maken nog een praatje met een Chinees in

de tempel, vertellen hem hoe mooi we het vinden. Hij is zeer vereerd en vraagt ons

of we de tempel om de hoek al gezien hebben, even naar rechts en dan links door

het hek. Dat is de tempel van de Khoo Clan. Huhhh? En deze dan? Deze is die van

de Yap Clan. Okay, nog steeds 1 te gaan. We zijn er bijna. Even later staan we bij de

toegang van de eong San Tong Khoo Kongsi. Dit is er weer een van een heel andere

orde, we moeten trouwens voor het eerst toegang betalen, 2,50 euro p.p. Er is een

officiele bewakingsdienst, die staan overal. Nu snappen we ook dat we hem steeds

niet zagen, het is en stad binnen en stad, je moet het hek door, een straat langs, de

hoek om en daar staat hij in al zijn glorie. Aaahhhhhh, wat mooi.



Het is zo overdadig versierd met zoveel goud ook, dat de foto's gewoon niet mooi

zijn, omdat er zoveel op staat. Maar gelukkig maak ik er altijd een paar honderd,

dus we hebben nog genoeg over.



Boven aan de trap staan de obligate leeuwen aan weerszijden van de ingang.

Er is een bordje op bevestigd, waarop geschreven staat:

Visitors are stricktly not allowed to roll the granite ball in the lions mouths.

Bezoekers mogen absoluut niet rollen met de granieten bal in de muilen van de

leeuwen. Nou dat weten we dan ook weer.


 


Het is weer mooi, nog mooier en kijk hier nou eens.


 


 


Letterlijk alles is ingelegd, geciseleerd, met goud bekleed, geborduurd, te veel om

naar te kijken eigenlijk. De muren hebben van boven tot onder wandschilderingen.


  


Er worden legenden weergegeven, maar verderop ook het dagelijks leven. Hier zijn

wijze mannen het Go spel aan het spelen en verderop zie je  het symbool van de

Tweelingvissen Yin en Yang.


 


Tja en verder kun je alleen maar kijken en proberen al dit moois vast te leggen.


 


 


Beneden is een hele expositie ruimte gemaakt, waarin verteld wordt van de eerste

Chinese arbeiders, die door het Britse bewind naar Penang gehaald zijn.

Deze man was de eerste van de Clan die hier naar toe gekomen is, de latere

oprichter van de AM bank en een van de stichters van deze tempel in 1835.

In 1906 was de tempel klaar en in 2001 is hij voor het laatst gerenoveerd.


 


Hier geen Mah Jongg spel, maar de namen van de heren van de ClanRaad.


 


Dit is de Raad van 2008, echte Chinese keurige heren.


 


Roderick zit intussen naar een stuk Chinese opera te kijken en aan de achterkant

zie je de tempel verlicht. Ze hebben het echt mooi gedaan en interessante

wetenswaardigheden vermeld.


 


De arbeiders woonden vroeger allemaal in de huizen op het tempel terrein, vandaar

die straten aan het begin. Er is en keuken nagebouwd, inclusief een hele familie.


 


Ook hier weer een vijver met Koi karpers en ook nog weer muurschilderingen over

het dagelijks leven, graag grote gezinnen, dan blijft de Clan gezond en sterk, niet

zoveel verschil met het Katholieke Brabant van weleer. We gaan eruit, we kunnen

bijna niets meer opnemen. Buiten is de zon iets gedraaid, zodat we toch nog foto's

van de daklijsten kunnen maken, ik zet ze groot onder elkaar, zodat jullie de details

kunnen zien. Het is zo mooi en zo kunstzinnig.







Blij dat we dit toch nog gezien hebben, het is alleszins de moeite waard geweest.

De dag is nog niet afgelopen, ons hoofd zit vol en we zijn moe van het geslenter en

stilstaan, even nog en stukje loslopen, de stad door richting water. Eerst nog door

de oude wijken. De huizen zijn niet lelijk, alleen de verf wil er hier in de tropen niet

op blijven zitten. Dat zien we ook bij hele dure nieuwbouwprojecten. De winkels en

werkplaatsen hebben geen ruiten, die zijn open naar de straat en worden gesloten

met rolluiken. Verder hangen er altijd en overal Bamboe rolgordijnen een meter

ervoor op straat tegen de zon en lappen plastic tegen de regen. Roderick stoot dan

ook duizend maal zijn hoofd. Een hoop zooi, maar we hebben geleerd om daar door

heen te kijken. De dame en heer die bij deze bakfiets horen, kwamen aan in een

dikke auto, zij gekleed in een groene sari vol borduursel en "edelstenen".


 


 


Onderweg kwamen we langs nog een tempel, duidelijk van de arme tak van de

familie. Aan de overkant van de straat stond het vervolgaltaar, waar je ook staafjes

brandt. Deze slaan we maar even over, we hebben er al 3 gezien vandaag....


 


Dit is ook weer een stuk van de Clan Jetties, World Heritage, nou van mij hoeft het

niet, wat een oude vieze zooi. Dit soort stalletjes vol oranje spul, dozen

mandarijnen, snoep, lampionnen zie je heel veel.

 

 


Dan komen we weer in het hoofdcentrum, dat is van een heel andere orde, de

gehele binnenstad van Georgetown is Wereld Erfgoed, de overheidsgebouwen zijn

Oud Victoriaans, mooi gerestaureerd, er zijn wandelpromenades aangelegd, parkjes,

de oude pieren zijn gerestaureerd. Mooi hoor.


 


 


Nog even bij een stalletje een Kelapa Muda, een jonge kokosnoot, leeg drinken en

dan wordt het tijd om een bus op te zoeken. Wat een dag weer.


 


Zondag, 15 februari 2015, Straitsquay Marina, Penang.


Vannacht hoorde ik Roderick al steeds kreunen, bij het opstaan wordt het duidelijk,

het is helemaal mis met hem. Gisteren had hij bij vertrek een misstap gemaakt, de

hele dag doorgelopen, dat ging best wel, maar nu heeft hij zo'n pijn, dat hij niet

meer kan staan. Dat wordt dus een dagje plat, verder is hij ook weer stokdoof al

een paar dagen, dus ik vrees, dat hij iets te veel van zichzelf gevergd heeft. We

hadden normaal gesproken vandaag moeten vertrekken, maar niemand heeft ons

gezeg dat we niet langer mogen blijven, dus het is wel prima zo. Roderick blijft de

hele dag gestrekt, afwisselend in bed of in de kuip. Er is een muziek bandje op de

kade recht tegenover ons, daar ga ik maar eens even kijken. Ze halen geld op voor

een tehuis, spelen met een hele orkestband er achter, met een drumstel gemaakt

van pannen, jerrycans enz, een electrische gitaar gemaakt van een tennisracket,

maar zingen dat ze kunnen en ook gitaarspelen, geweldig. Allemaal oude nummers

van de Bee Gees, Hotel California, Apache van de Shadows. Hartstikke leuk. Er staat

ook een Amerikaanse dame in het publiek mee te swingen, daar ga ik maar eens

even bij staan, ik kan ook nooit stil blijven staan bij muziek. De band vraagt haar of

ze een stukje mee wil spelen op de gitaar, dat wil ze wel. Ze kan geen noot spelen,

maar ze geeft toch een act weg. Helemaal los gaat ze. We hebben reuze lol.


  ga


Maandag, 16 februari 2015, Straitsquay Marina, Penang.


Hee Schone Zus, van harte gefeliciteerd met je verjaardag.

Gelukkig gaat het Roderick wat beter, lopen kan hij nog nauwelijks, maar hij hoort

alweer wat beter, als we recht tegenover elkaar zitten, kunnen we weer een

gesprek voeren tenminste. Vanochtend van de havenmeester gehoord, dat we tot

1 maart mogen blijven, dat komt mooi uit nu. Ik ga in het toiletgebouw een was in

de machine doen, als ik terug kom, zie ik Roderick op de steiger strompelen met het

fototoestel in zijn hand. Er was weer een grote leguaan langs komen zwemmen,

maar die was onder de steiger door gezwommen, dus Roderick probeerde hem daar

alsnog te fotograferen. Even later aan boord, ben ik aan het koken, hoor ik Roderick

zeggen: Krijg nou wat! Kom Gauw! Zijn er op 5 meter afstand van onze boot, 2

otters vanuit het water op de steiger gesprongen. Schudden zich even uit als een

hond, rennen een rondje en verdwijnen weer in het water. Tegelijkertijd komen er

een paar Brahmini Eagles laag over cirkelen. We hoeven dus helemaal niet bij een

achteraf eilandje te liggen, hier is het ook allemaal. De hele havenkom stikt van de

vis, de hele dag hoor je geplons en geploeter, ze jumpen uit het water, af en toe

wordt er flink gejaagd, dan borrelt en kookt het water. Soms hoor je ook een bonk

tegen het schip, dan is er eentje uit de bocht gevlogen.


Dinsdag, 17 februari 2015, Straitsquay Marina, Penang


We kregen het bericht te lezen van de Nederlandse Zeiler, Ronald Wolbeek, 60, die

in Brazilie op zijn schip doodgeschoten is, verschrikkelijk natuurlijk. Wij wensen

iedereen die in hem een goede vriend verloren hebben, veel sterkte.

Op de ankerplaats zijn er 2 mannen aan boord gekomen, toen ze lagen te slapen, hij is

er op af gegaan en neergeschoten en in de armen van zijn vriendin overleden.

Afschuwelijk en herkenbaar, maar dit is in wezen gewoon een overval, net zoals er

mensen in hun huis overvallen worden. Maar niet te lang aan denken, tegen mensen

met slechte bedoelingen kun je niets beginnen.


We starten langzaam op vanochtend, Roderick zijn voet gaat wat beter. Gisteren

had ik het plan geopperd om misschien naar de bioscoop te gaan vandaag, maar

eigenlijk had ik het al weer afgeschreven. Maar Roderick wil het eigenlijk wel graag

proberen, stil en onbeweeglijk zitten is ook niet goed voor een gewricht, dus hij gaat

op Internet nakijken wat er draait. Voor ons niet veel eigenlijk, alleen The Kingsmen

lijkt ons wel leuk, daar hebben we een trailer van gezien. Nou dan gaan we op ons

gemak naar de bus toe lopen, dan kan hij in de bus mooi weer uitrusten, daarna

weer een stukje naar de shopping mall Gurney Paragon, daar moet hij dan alleen

nog 8 verdiepingen met de roltrap en dan kan hij weer uitrusten. Doen we, goed

plan. Alleen draait die film niet vandaag en de andere lijken ons niets, van die

typische overdreven Aziatische films, daarbij is de ene in het Chinees. een andere in

het Tamil (een Indiase taal) en de rest in het Maleis.

We gaan 2 verdiepingen naar beneden om een lekkere Shoarma te gaan eten.

Shawerma zoals het hier heet.


 


We hebben niet alleen veel lol, de jongens maken ook nog eens een fantastische

Shoarmaschotel. Smikkelen en Smullen. Met een bord ernaast met groene salade,

koolsalade, humus en een olijventapenade, wat frites erbij, geserveerd op wraps en

dat voor 19,95 RM. Ik kan het niet eens allemaal op. Als je het zo leest valt het niet

op, maar in Nederland betalen wij voor een Shoarmaschotel het zelfde, maar dan

wel in euro's. Als ik aan de jongens vertel, dat we voor hetzelfde bord eten in

Nederland 80 RM kost en dat flesje 0,5 l water 12 RM in plaats van 1,5 RM weten ze

niet, wat ze horen. We kunnen het haast zelf ook niet geloven als je het zo ziet

staan.


 


We wandelen vervolgens naar de naastgelegen shoppingmall Gurney Plaza, waar

we vorige keer naar de film zijn geweest. Wederom 8 verdiepingen met de roltrap,

maar ook daar begint de film pas morgen te draaien. Nu dan zien we er vanaf, gaan

we gewoon weer naar huis, gelukkig is de bushalte dichtbij.

Op de hoek passeren we nog een Indiaas tempeltje, wat staan daar toch altijd

achterlijke beelden.



Als je van opzij kijkt zie je dat die mannen die paarden op hun hoofd omhoog

houden en die paarden hebben een lul in zeer erecte toestand....



Het hotel op de hoek heeft zijn hele gevel gedecoreerd met grote poppen.



De bus komt bijna direct, dus we zijn redelijk snel weer terug. Maar jammer, het is

toch nog teveel voor Roderick zijn enkel geweest, die is weer helemaal dik en

gezwollen. Lekker op de kuipbank liggen met een koud biertje verzacht het leed.

Er komt nog een varaan langs zwemmen, die even voor de foto in de buurt blijft.

Jammer genoeg heeft hij niet zijn pootjes op zijn rug.



Maar dat heeft zijn grote broer wel, die een uurtje later langs komt.


Ze hebben een heel lange en krachtige staart en zwemmen door deze te bewegen

als een slang, deze is toch zeker anderhalve meter lang.



Woensdag, 18 februari 2015, Straitsquay Marina.


Niet zo veel opwindends te vertellen. Roderick ligt languit om zijn voet te ontzien

en ik ben druk aan het huishouden. Omdat we hier een week langer blijven, moet er

hier een begin gemaakt worden om het schip schoon achter te laten. Dus loop ik me

het heen en weer naar de wasmachine. Iedere kast gaat leeg om te kijken wat er

mee naar huis kan, verder met mijn boodschappen kar 3 maal naar de supermarkt

om voorraad in te slaan voor de oversteek, hier zijn spullen te koop, die ik in Port

Dickson niet meer kan kopen en het is makkelijk hier, de supermarkt is vijf minuten

lopen en heeft een grote sortering. Dus loop ik te slepen met 5l flessen olie een

tiental grote blikken fruit en groente, dat bederft allemaal niet. En gedaan is gedaan,

eind van de dag ben ik aardig af.

Om 23.30 uur lopen we met zijn tweetjes naar de andere kant van de marina, daar

kunnen we over het water naar het vuurwerk kijken. Aan boord staat de vuurtoren

in ons zicht. Het heeft net een paar uur hevig geregend, maar nu is het net droog,

het ruikt heerlijk buiten, er was hier al weken geen druppel gevallen. We zitten op

een muurtje te wachten tot 0.00 uur. Het is kraakhelder, we kunnen de hele kustlijn

van het vasteland zien en een groot stuk Penang. Het vuurwerk is alleen maar

particulier, bij de Chineze wijk zien we helemaal niets, maar die hebben

voornamelijk wagenwielen met rotjes om de boze geest weg te jagen. Niet

spectaculair dus. Gelukkig dat we er voor gekozen hebben om er niet heen te gaan

ivm Roderick zijn enkel. Wat wel heel leuk was, er stonden een paar Indiase mensen

ook te wachten en te kijken, om twaalf uur kwam ze ons Happy New Year wensen

en vroeg ons zachtjes of we mee wilden zingen, haar broer was net jarig geworden.

Ze hadden stiekem een grote taart meegebracht voor hem. Dus wij meezingen met

Happy Birthday en een goed Hollands Lang zal hij leven er achter aan. Uiteraard

kregen wij ook een stuk taart in de handen. Sta je daar in het donker taart te

smikkelen. En het was heerlijk, mijn laatste stukje gebak heb ik in Nederland gehad,

dus een goed begin van het nieuwe jaar.


Donderdag, 19 februari 2015, Straitsquay Marina, Penang.


Gong Xi Fa Cai, dat is Gelukkig Nieuwjaar op zijn Chinees.

"May the year of the Goat bring you prosperity and fortune"

We zullen zien wat het gaat worden.


Roderick ligt nog steeds lui op de bank met zijn voet omhoog, hij is ook erg moe.

Gewoon maar laten liggen denken we. Aan de ene kant jammer, want de

festiviteiten voor Chinees Nieuwjaar nemen nu een aanvang, aan de andere kant

mazzel, dat we nog een week extra konden boeken. Op 1 maart vertrekken we hier.

s' Middags krijgen we bezoek van Pam en Ted van het zeiljacht Shuang Yu, zij is

Chinees, Ted is Australisch/ Amerikaans. Wij hebben via Internet ons aangesloten

bij en groep cruisers, die allemaal de Indische Oceaan gaan oversteken en onderling

wisselen wij tips en nieuwtjes uit. Ted en Pam zagen ons hier liggen en kwamen aan

boord kloppen, ze hadden vragen over hoe wij dat deden met een oversteek. Wij

zijn hier nu ineens de ervaren mensen, zo voelen we ons eigenlijk niet, maar het is

natuurlijk toch zo, dat we al 2 oceaanoversteken gemaakt hebben. Een paar dagen

terug kwam ook de Australische Carolyn aan boord praten over de passage door het

Pananmakanaal. Ted en Pam zijn van onze leeftijd, het was heel gezellig en voor

vanavond zijn we uitgenodigd om bij hen een drankje te drinken. Gaan we doen, is

Roderick er ook even uit.


Vrijdag, 20 februari 2015, Straitsquay Marina, Penang.


Tja, Roderick zijn voet gaat voorzichtig beter, maar zelf gaat hij niet lekker, hij is

doodmoe, maar even goed in de gaten houden. Ik zelf ga er dubbelhard tegen aan,

nu kunnen we nergens heen, dan kan ik maar beter mijn tijd goed besteden om het

schip klaar te hebben, tenslotte moet ik het nu meerendeels alleen doen. Bij de

supermarkt vraag ik of iemand mij hulp kan bieden, omdat ik 48 flessen 1,5 liter

water wil hebben. Geen probleem, ze sturen gewoon iemand met me mee, die heeft

de dozen aan boord gezet, maar ik ben zelf wel een stief kwartiertje bezig om die

ergens weg te stouwen. Een groot gedeelte gaat onder de vloer in de bilge, dus die

wordt eerst leeggemaakt, schoongemaakt en dan alles zo slim mogelijk stouwen.

Ook weer klaar. s' Avonds lopen we nog even samen langs de Batikmarkt, hier in de

centrale hal. Wow, om te kwijlen zulke mooie dingen allemaal. Blouses, gebatikte en

geborduurde jurken, Kabajas, leuke batik broeken, maar zoals altijd alles in maatje

32-36. Ik koop 2 mooie batik lappen.



Zaterdag, 21 februari 2015, Straitsquay Marina, Penang.


Vannacht hebben we bijna niet geslapen, het was zo smoorheet, we hebben alles

open staan, alle ventilatoren aan, maar het blijft bloedheet. Roderick is erg onrustig,

hij kreunt steeds in zijn slaap, dat bevalt me niets. Het lijkt wel of hij koorts heeft.

Inderdaad, 39 koorts, nog niet zo veel, maar toch goed in de gaten houden.

's Ochtends ga ik bij het havenkantoor informeren of zij weten of er iets heerst. Ja

op dit moment is er veel Dengue. Oh dat is niet best, Dengue is een virus dat door

muggen overgebracht wordt, waar je doodmoe van bent en erg veel pijn hebt en

waar niets tegen te doen is. Voor de zekerheid vraag ik het adres van een kliniek,

maar als ik terug aan boord kom, is Roderick er duidelijk beter aan toe. Even

afwachten dan maar, het is nu weekend, de normale artsen hebben vrij, de Chinese

artsen hebben 3 dagen feest. 's Avonds maken we weer een klein rondje langs de

marina, nu staat er weer een heel promotie team met formule 1 racewagens,

compleet met pitpoezen en lawaai. Voor de kinderen is er een clown.


 


De Batikmarkt staat er ook nog, het is een heel gezellige drukte. Roderick moet

even naar het toilet, in de zelfde gang zijn ook gebedsruimtes voor de moslims

gemaakt. Het is net de tijd van het avondgebed en hij moet zich een weg banen.

Uiteraard ligt de hele vloer vol slippertjes, maar overal zitten moslima's in prachtige

kleding met hun kleine kindertjes op hun man te wachten. Het is een komen en gaan

van moslims. Leuk om te zien.


Zondag, 22 februari 2015, Straitsquay Marina, Penang.


Roderick voelt zich minder slecht, maar hij houdt wat koorts, maar hij is duidelijk

beter aanspreekbaar. Alleen nu heeft hij enorm diarree, we kijken het maar even

aan, we blijven gewoon thuis totdat hij hopelijk weer opgeknapt is.

Met de fiets ga ik er op uit om te proberen ergens geld te pinnen.


 


De ATM machines hier in de buurt willen ons nog steeds niets geven. We snappen

er niets van want bij de Maybank kunnen we altijd pinnen, maar de flappentappers

gunnen ons niets. Dus ga ik de banken verderop maar eens proberen. Maar 2

hebben weekend, de Chinese bank heeft helemaal afwijkende tijden, de Chinese

winkels zijn allemaal aan het feesten, dus ik kom met niets terug. Maandag nog

maar eens proberen.

Als ik een Chinese tempel passeer, worden daar wat wierookstokjes gebrand, zoals

altijd, alleen zijn deze van een afwijkend formaat. Er staat een soort fietsenrek

buiten aan elkaar gelast en daar worden wierookstokken van 2,5 meter hoog en

10 cm dik gebrand. Een stuk of 20 tegelijk. Je loopt je voortdurend te verbazen.

Leuk hoor. Het is momenteel dag in dag uit erg heet, vaak meer dan 33 graden,

maar met een aangekondigde gevoelstemperatuur van 41 graden. En het is

uitzonderlijk droog, er valt ter nauwernood regen, heel ongebruikelijk voor Malaysia.

We komen al zeker een maand niet meer in de zon, je wordt er doodmoe van.


Maandag, 23 februari 2015, Straitsquay Marina, Penang, Liondances.


Er moet weer geld in de beurze komen, dus pak ik mijn fietsje weer en cross met

het overige drukke verkeer mee naar een ander deel van de stad. Gelukt! Als ik na

anderhalf uur weer in de marina kom, hoor ik een hoop herrie. Hee, Liondancers in

de buurt? Nee een Drakendans dit keer, onder begeleiding van een grote Wardrum

en een aantal bekkens, wordt er een rituele dans uitgevoerd voor voorspoed en

geluk voor de zaken in het nieuwe jaar. Ik sjees naar huis om Roderick op te halen.

De Drakendansers gaan de kantoren in, maken een rondje met veel herrie, doen

buiten nog een aantal rituele handelingen en gaan dan naar de volgende. Dit is niet

voor de toeristen maar echt voor de ondernemers.


 


En dan de bedrijfsfoto voor dit jaar....



Na afloop wordt de draak netjes in elkaar gevouwen en afgevoerd om plaats te

maken voor de Liondancers.


 


En natuurlijk sta ik er met mijn neus bovenop. Hier gaan ze zich klaarmaken, zodat

ze in vol ornaat en met veel elan het centrum binnen kunnen stappen.


 


En Mooi zijn ze!



Bij de kantoren en winkels gaat het als volgt: de winkels die een bezoek willen

ontvangen, hangen een krop andijvie boven de ingang (het is tenslotte het Jaar

van de Geit) met daarin een envelopje met inhoud voor de dansers en ook staan

er altijd mandarijnen (Prosperity) klaar.


 


Dan komen de leeuwen met zijn twee voor de deur, buigen onder luid kabaal van de

wardrum en de bekkens, een aantal keren, doen nog wat dingen, dan wordt de drum

steeds opzwepender, dan gaan ze naar binnen en lopen echt de hele ruimte door

(ook in die dure Swarovski zaak en de winkel met glasserviezen) de muziek gaat

ook mee naar binnen, het is een ongelooflijk kabaal.


 


Als ze weer naar buiten komen, moeten ze de krop andijvie met het envelopje

van het plafond afbijten. Nu herkennen we ook alle figuren en toeren, die we op de

Champignonship Liondances hebben gezien. Omdat de groente zo hoog hangt

moeten de jongens in het pak op elkaar gaan staan, soms zelfs ook nog springen.

Als het gelukt is, wordt uiteraard het envelopje doorgegeven en de blaadjes andijvie

worden teruggespuwd in de winkel. Dan gaan ze een aantal keren door de knieen en

dan met veel kabaal weer naar de volgende shop.


   


Dit is bij het kantoor van onze marina met havenmeester John en de andere

medewerkers.



Waaraan je kunt zien dat het echt gemeend is, is dat de leeuwen ook naar het altaar

met de huisgoden buiten worden geleid, waar ze dezelfde rituelen uitvoeren onder

het lawaai van knallende rotjes. Ook onze supermarkt komt aan de beurt. Roderick

wijst waar de sla hangt en daar gaat de leeuw over de groenteafdeling.


 


Zo het zit er weer op, hier zijn ze ook weer klaar.


 


De jongens zwepen elkaar op, de muziek gaat steeds harder en feller, in het

overdekte centrum klinkt het zo keihard, het doet gewoon zeer aan je oren.


   


In de restaurants gaan ze langs alle tafels, met hun kop vlak bij de mensen, de

terrassen worden ook niet vergeten, het wordt steeds doller. De jongens moeten

nu ook steeds vaker gewisseld worden, ze hebben het bloedheet van het gespring

in die warme pakken.


 


Halverwege gaat Roderick terug zijn bedje in, maar ik blijf nog een poos mee lopen,

het is zo leuk om te zien. De winkeliers zijn best nerveus of het allemaal wel goed

zal gaan, de dansers en muzikanten hebben er zo'n lol in en dan de verraste

toeristen en kinderen. Je wordt er gewoon helemaal blij van, wat een belevenis

weer.


Dinsdag, 24 februari 2015, Straitsquay Marina, Penang.


Roderick moet nog een dagje pas op de plaats en ik ga maar eens de naaimachine

te voorschijn halen. Er liggen een groot aantal verzamelde klusjes op me te

wachten. Ik heb daar geen hekel aan om het te doen, maar wel om de naaimachine

uit te graven en de hele boel weer overhoop te hebben staan. Bijna de hele dag ben

ik daarmee zoet, maar ik voel me nu zeer braaf, want het is allemaal klaar.

's Avonds komen Pam en Ted gezellig wat drinken.


Woensdag, 25 februari 2015, Straitsquay Marina en de Snaketemple.


Vandaag is mijn zus Anita jarig, goed gedaan meid, weer een jaar erbij.

We gaan vroeg op pad naar de Snaketemple, 2,5 uur bussen naar het zuiden.

Roderick denkt ook dat het wel kan. Nee we zijn niet gek, maar de Chinezen vieren

15 dagen Nieuwjaar met voor ons een heleboel interessante festiviteiten. We

hebben er al een aantal overgeslagen om een beetje bij te komen, zoals de twee

daagse Ballonfiesta, hier vlakbij, de speciale ontvangst van de Prime Minister van

Penang en nog veel meer. Maar van de typisch Chinese festiviteiten willen we toch

zoveel mogelijk meemaken. Gisteravond tot zeer laat geprobeerd achter de

busschema's te komen, met zo min mogelijk lopen voor Roderick. Maar de diverse

sites spreken elkaar een beetje tegen. We zien wel, vlak voor vertrek eerst nog een

auto gekocht via Internet bij onze oude garage/dealer in Ermelo. We waren er al

steeds mee bezig, maar de laatste keer, had iemand de auto van onze keuze net

verkocht. Nu komen ze met een andere deal, die nemen we, het is een heel

betrouwbaar bedrijf. Nu is dat ook vast geregeld, dat scheelt een hoop sores. Pam

gaat ook met ons mee. De start is al goed, want binnen 10 minuten kunnen we in

de bus stappen, die we het liefst wilden, die brengt ons rechtstreeks naar de tempel.

Wel 48 haltes te gaan, maar we zitten lekker, de bussen zijn schoon, heel en

airconditioned, geen enkele beschadiging of graffiti. Waarom kan dat hier wel? De

kosten zijn ook weer een lachtertje, 3,40 RM pp, 0,85 euro. Het gaat allemaal

gesmeerd, we hoeven alleen nog maar de weg over te steken naar de tempel.

De 6e dag na de nieuwe maan van het Chinees Nieuwjaar is een speciale dag voor

de Hokkienclan, de geboortedag van Chen Chor Soo Kong Zij komen dan van heinde

en verre om eer te bewijzen in hun tempel, die er op zo'n dag op zijn mooist uit ziet.




Er omheen is het wat rommelig, wat toeristen stalletjes, eetstalletjes, eerst maar

eens rondkijken. Als we de tempel binnen gaan zijn we verzeild in een zee van

lichtjes.



Meerendeel in de vorm van een ananas. Ze staan werkelijk overal en om ieder

lichtje is een lint gebonden met de naam erop.


 


Bij het altaar staan stapels met eieren voor de slangen, Pam maakt ook een groet

bij het altaar.


 


 


De Snaketemple, Hock Him Keong, is volgens zeggen de enige tempel ter wereld,

waar slangen huizen en aanbeden worden. Het bestaat uit de tempel, een stuk

grond vol fruitbomen, waar je ook echt de slangen om de takken gekronkeld ziet en

een slangenfarm.


 


 


Het verhaal gaat dat in 1873 de Brit David Brown zich in gebed richtte tot de

overleden monnik Chor Soo Kong, die helende krachten zou bezitten en vervolgens

van zijn ziekte genas. Als tegenprestatie stelde hij een stuk land beschikbaar om

daarop een tempel te bouwen gewijd aan Chor Soo Kong, die tijdens zijn leven veel

goeds deed en ook onderdak bood aan de slangen van de jungle. In 1875 was de

tempel klaar en kwamen de slangen volgens zeggen uit eigen beweging hier naar

toe. Zou natuurlijk heel goed kunnen, want temidden van bebouwing staat deze

tempel met een groot stuk land vol aangeplante fruitbomen. Het zijn gewoon wilde

slangen, die volgens de gelovigen lief en onschuldig zijn geworden door de heilige

rook. Ja, dat zal vast wel, anderen beweren dat de gifklieren verwijderd zijn, maar

een verzorger zegt van niet. We spraken met een van hen, een jongen met een heel

gehavende arm had, hij was door een slang gebeten en kon op het nippertje worden

gered, zijn vriend is aan de beet overleden. Een oudere verzorger fluisterde: ze zijn

ook zo onvoorzichtig die jongens, zijn met zo'n slang aan het dollen.


 


We wandelen wat door het tuin gedeelte ook hier weer altaren, lichtjes en slangen.


 


Om een hoekje staat een muur van lege dozen vol met lege hulzen van

Miljoenklappers of zo. Het is netjes allemaal weer weggeveegd. We gaan een

bezoekje aan de slangenfarm brengen, niet het eerste wat bij me opgekomen zou

zijn, maar bij een bezoek aan de Snaketemple, kun je de snakefarm niet overslaan.

De eerste indruk is: leuk hoor, maar een beetje amateuristisch. In de hokken liggen

de  verschillende slangen, met tekeningen hebben ze een beetje decor aangebracht,

maar er hangen ook briefjes bij met interessante weetjes. Toch wel leuk en

wanneer heb je nu de kans een ratelslang in het echt te zien? Of een pofadder? Een

groot aantal slangen wordt gekweekt als voer voor de echte ruige jongens. De

meeste slangen zitten achter glas, deze zit in een lage kist, voor ons wordt de

deksel open gedaan, deze is zeer giftig maar heeft zijn mond vol met een andere

slang. Daar kunnen we zo met ons neus bovenop staan. Hier en daar zien we

slangen op jacht naar kevertjes, die in het hok gegooid zijn of een muisje. That's

life.


 


We zagen ook nog ergens een bordje: Niet op de schildpad gaan zitten. Huh???

Later zagen we hem ergens staan/zitten. Zijn kop helemaal in zijn schild getrokken.

Net een klein krukje.


 



In het midden staat een grote kooi, daar mag je in. Er hangt een briefje op, waarop

gekscherend geschreven staat: U bent welkom om de kooi binnen te gaan....., maar

we kunnen niet garanderen, dat U er ook weer uit komt. Binnen liggen 2 enorme

slangen, een Golden Python en in een hoek op de grond een Boa Constrictor.


 


Ik ga daar niet naar binnen. Mij niet gezien of toch wel....? Roderick doet het echt

niet, maar ik ben toch wel geprikkeld, de verzorger zegt: Kom maar binnen. Nou

toch maar even kijken. Hier hangt een grote banner, in het Chinees, Malayu en

Engels, dat als je volgens de legende de golden python streelt van kop tot staart, je

het gehele jaar succesvol zult zijn. Nou dat is toch wel aanlokkelijk!

Nee ik doe het niet! Ik ben daar gek. De verzorger voert een hele show op. Kijk dan,

ik durf hem te kussen. Gek! Ik zeg: Dat zou ik niet bij mij proberen! Nee, zegt ie, dat

durf ik ook niet!


 


Ik raak van af een afstandje de slang voorzichtig aan, de zenuwen gieren door mijn

lijf. Roderick is ook binnen de kooi gekomen, kijken wat zijn vrouwtje nu weer uit

haalt. Hmm, heel zacht en niet koud, kan ook haast niet, want het is 35 graden, dus

geen slang uit de koelkast. Zal ik dan toch??? Ik doe het! Helemaal vanaf zijn kop

tot aan zijn staart.


 


Het laatste stukje is het engste, het puntje ligt vlak naast zijn bek.

Yes, gedaan! Ik voel me een HELD, nooit verwacht van mezelf, dat ik dit zou doen.

Nog even op gepaste afstand kijken bij zijn grote neef de Boa Constrictor.


 


Nou het is weer mooi geweest, we kopen nog een wandspreuk in het Chinees met

vrij vertaald de wijze woorden: Don't Worry, Be Happy. In werkelijk heid staat er:

Wees niet boos in allerhande variaties. Makkelijk als je een Chinese vriendin bij je

hebt.


     


      


We nemen een andere busroute terug, hier zijn we nog nooit geweest. Hebben we

dit gedeelte ook meteen gezien. Er is ongelooflijk veel hoogbouw hier, maar mooi

en gevarieerd. De meeste wolkenkrabbers zijn toch zeker meer dan 20

verdiepingen. Bij de busterminal moeten we overstappen, we overleggen even,

eigenlijk willen wij wel een bioscoopje pikken, nu we toch weer hier zijn, Pam vindt

het geen enkel probleem, die wil in de Chinese wijk wat inkopen doen. Dus pakken

we de bus naar Paragon Plaza, daar is ook een hagelnieuwe bioscoop. Daar

aangekomen gaan we eerst een hapje eten in het Foodcourt en daarna naar de film

The Kingsmen in het Imax theater. Leuke film, prima projectie en geluid, lekkere

ruime stoelen, zoveel beenruimte dat zelfs Roderick zijn benen languit kan doen. De

bioscoop zit op de 8e verdieping van de Shopping Mall, dan heb je dit uitzicht vanuit

de foyer.


 


We zijn twee uur onder de pannen voor 5,10 euro pp. Na zoveel uren in gekoelde

ruimtes doorgebracht te hebben, krijg je echt een klap op je kop van de warmte,

als je weer naar buiten stapt. Nog een half uur met de bus, nog ruim een kilometer

lopen, he, he, we zijn weer thuis. Wederom een welbestede dag.


Donderdag, 26 februari 2015, Straitsquay Marina, Penang.


Het kan niet alle dagen feest zijn, vandaag hebben we een rustdag, dus halen we

alle bekleding van de bankkussens af, loop ik 3 keer met een tas wasgoed naar de

machine in het havenkantoor, lading ophangen langs de zeerailing, naar het

havenkantoor, volgende lading in de machine, dan alle kussens er weer in wurmen

en dan eten we 's avonds een heerlijke door Roderick gemaakte chickencurry op

onze schone en frisgeurende bankjes.

De hele avond wordt er om ons heen vuurwerk afgeschoten, enorme kanonschoten,

de hele nacht door. We kunnen er niet veel van zien, want de marina ligt in een

ronde kom omringd door het winkelcentrum.


Vrijdag, 27 februari 2015, Straitsquay Marina, Penang.


We hebben ons ongelooflijk nuttig gemaakt van begin tot het eind van de dag. Maar

alles moet nu klaar, morgen willen we naar de stad, waar het grote

Nieuwjaarsfestival plaats vindt en zondagochtend vertrekken we om 8 uur uit de

marina. Vanmiddag naar de Tesco om de laatste boodschappen te halen, eerst nog

een mooie lange rok voor mij gekocht, ik had er al een en die zit zo heerlijk koel, dat

ik er nog graag een tweede bij had in een andere kleur. Maar deze collectie was

"finished", zoals ze hier op alles zeggen. Dus een andere mooie rok gekocht, maar

vanmiddag hingen er ineens weer paar nieuwe. De verkoper kwam al direct

glimlachend op me af, ja logisch. Toen een lekkere warme lunch gegeten, dit keer

hebben we hem helemaal uit de broek laten hangen, 13.50 RM, 3,40 euro voor ons

beide incl. een drankje. En dan ook nog voor Roderick geslaagd voor een prachtige

blauw zijden kimono, natuurlijk met een grote geborduurde draak en in Chinese

tekens de begrippen Voorspoed, Autoriteit en Langleven. Wat zou je nog meer

willen? We liepen al steeds te kijken, maar tot nu pasten ze hem niet. Deze zit hem

als gegoten, ziet er geweldig uit en is dubbel, dus ook in een wat koudere

temperatuur praktisch. Je kunt hem binnenste buiten keren, dan is hij Zwart met

een zilveren draak op de rug. Een mooie herinnering aan onze tijd in Azie.


 


Zaterdag, 28 februari 2015, Straitsquay Marina en Georgetown.


Vandaag is het grote Chinees Nieuwjaarfestival in de Chinese wijk van de oude

binnenstad. Daar willen we zeker naar toe, gelukkig begint het pas in de middag,

want we hebben nog wat tijd nodig. We hebben door Roderick zijn ziek zijn een

aantal dingen niet kunnen doen en eigenlijk zijn er een paar toch wel dringend.

Om 7.00 uur ga ik met een agressief goedje de roest van het roestvrijstaalwerk

verwijderen. Dat moet met veel schoon water nagespoeld worden, dus onderweg

kun je dat niet doen en straks in Port Dixon hebben we daar de tijd niet meer voor,

dan kan de roest zich helemaal gaan zetten in de tijd dat de boot in de marina blijft

liggen. Lijkt ons niet zo best, dus nog even in de versnelling. Op de kant wordt net

een marathonzitting Yoga gestart, leuk om naar te luisteren en kijken tijdens het

poetsen.


 


Het meeste is gedaan en grotendeels zelfs alweer in de was gezet, de zeerailing is

ook ineens weer wit. Dan komt Roderick, ons oude grootzeil, dat we als afdekzeil

over de rubberboot gebruiken heeft een scheur en er moet ook nog een stuk

ingezet. Dus de naaimachine weer uitgegraven en met zijn twee het grote

onhandelbare stugge zeil onder de machine doorgevoerd. So far, So good. De dinghy

blijft voor op het schip liggen en als we deze niet goed afdekken, gaat hij het niet

redden onder de tropenzon ook al is hij gemaakt van Hypalon, een zware kwaliteit

speciaal voor de Tropen.

Het is alle dagen ongelooflijk heet, de gevoelstemperatuur is 41 graden, als je je

even beweegt ben je doorweekt. We zitten op handdoeken, er liggen handdoeken op

de tafel, als ik de computer gebruik loopt het zweet zo via je armen op het

toetsenbord. Binnen dragen we zo min mogelijk kleding, maar aangezien we in een

marina liggen, wordt er toch iets meer van ons verwacht. Zo creeer je binnen

no-time weer een hele berg wasgoed. Nog even de laatste boodschappen, wat verse

broden, een halve meloen en nog even langs de net geopende Non Halal slager, een

Chinees die ook varkensvlees verkoopt. Daar zijn we blij mee, want hij heeft ook

bacon en als je lang vaart is een boterhammetje gebakken ei met spek een

traktatie. Roderick vindt ook nog een doosje met een smakelijk ogende afbeelding

erop. Het blijkt een foliezakje met kant en klaar bereid vlees te zijn in ketjapsaus.We

nemen een doosje mee om te proberen en het smaakt heerlijk.

Buiten de koeling houdbaar en opwarmen in een pannetje heet water. De inhoud is

maar een klein beetje, maar net genoeg om een gerechtje wat meer sjeu te geven.

Dus hij weer terug naar de winkel, waar hij direct de hele voorraad opgekocht heeft.

En dan hier onze verzamelde buskaartjes, we hebben ons best gedaan, dacht ik zo.


 


Dan heel even een halfuurtje pauze en dan gaan we ons kleden om naar de stad te

gaan. Uiteraard met de bus, dus we beginnen eerst weer met een kilometer lopen

naar de bushalte, dan jammer genoeg in een mudvolle bus, dus het eerste half uur

moeten we blijven staan, gelukkig hebben we de rest van de tijd een zitplaats.

We stappen uit bij de terminal, bij de Clanjetties. We zagen dat de jettie van de Lee

clan helemaal versierd was, daar willen we wel even kijken. Het is inderdaad erg

leuk gedaan, er staat ook een prachtig bewerkte schrijn, waar wierook gebrand

wordt en offers gebracht, maar iedereen heeft gewoon zijn auto er voor

geparkeerd.


 


De mensen vinden het wel heel leuk dat we ze stuk voor stuk Gong Xi Fa Cai wensen

en we worden beloond met een grote grijns en een wens terug. Zoals al eerder

gezegd, hier op de Clanjetties, wonen de Chinese familie clans ieder op hun eigen

steiger. Hier woont de Lee Clan, duidelijk in betere doen als waar we eerst waren.

Het is laag water en de grond onder de steigers valt droog, daardoor meurt het

nogal. Waarschijnlijk zal dit gebied ook heel wat ratten herbergen.


 


We lopen tot het einde en daar is de man weer met zijn babietje. Ze zijn altijd

apetrots als ze wat contact met ons kunnen maken en dat doen we dan ook.

Op het eind van de steiger kijken we uit op een Chinese tempel. En wat doen ze,

als hun betonnen pijlers onder het huis verrot zijn? Dan stapelen ze gewoon bij laag

water een paar emmers gevuld met cement of beton op elkaar en zetten die er

onder. Chinezen doen niet zo moeilijk.


 


Van hieruit gaan we de stad in richting Chinatown. De omliggende straten zijn

uitgestorven, maar waar de festiviteiten plaatsvinden is het hartstikke druk.

Overal stalletjes, alles versierd, overal lekkere hapjes, kunstnijverheid, dansen,

wierook. In dit stalletje verkoopt een man bloempotijsjes, geserveerd in een plastic

bloempot, de aarde bestaat uit korrels bruinzwart waterijs en een echte bloem er in

gestoken.


 


We lopen lekker te oeroesen, gaan een zijstraatje in, ook hier weer een tempel. Alle

tempels zijn vandaag opengesteld en hier en daar duiken we even naar binnen.

Roderick heeft uitgezocht dat ik in het jaar van de Tijger geboren ben, dus dit

plaatje op de tempelpoort konden we niet zomaar passeren.


 


In de tempel staan 3 mannetjes in hun mooiste kleren, een plaatje om te zien.

Mag ik een foto maken? Ja natuurlijk, maar dan willen ze Roderick er ook bij.

Daarbij wordt  het een iets ander plaatje, maar ook leuk natuurlijk.



Zoals de kinderen in Nederland (vroeger) een zwarte Pietenmuts dragen, hebben

ze hier een papieren muts van een geit op.


 


En hoe kun je het nieuw te openen Olive Hotel beter presenteren dan op deze

manier op de markt.



Mandarijnen voor Prosperity, Voorspoed, en prachtig gedecoreerde watermeloenen.

Kunstwerken zijn het.


 


In de onderste hebben ze het logo van het Olive hotel uitgespaard in de schil.


  


En verder gaan we weer. In de straat wordt een voorstelling gegeven met een

loeigrote vlag, die omhoog gegooid wordt en door iemand op zijn hoofd of op zijn kin

opgevangen wordt. Het is moeilijk, maar eigenlijk nogal vervelend, maar dat ligt aan

ons, de Malayers vinden het prachtig. Er wordt nog een trapje bij gehaald, dan

klimmen ze op elkaars schouders en iedere keer moet die vlag weer omhoog

gegooid worden, dat gaat nogal eens mis, dus nog een keer en nog een keer.


 


Intussen zitten deze jongetjes op hun beurt te wachten om op te treden.


 


En hier de meisjes.


 


En verder gaan we weer, we passeren een tempel waar net een liondance begint.

Drie grote leeuwen gaan de tempel binnen, de Chinezen vinden het ook prachtig.

Er liggen meterslange plastic plakkaten, waar iedereen zijn naam op mag tekenen.


   


Verderop in de straat is weer een voorstelling met zo'n 5 meter grote vlag, nu met

een man op een brommer, die hem op moet vangen. Weer een aantal eetstalletjes

en dan allemaal prachtig aangeklede mensen.


 


 


Bij weer een volgende tempel staat het binnen al blauw van de rook en buiten staan

er geweldig grote staven klaar om aangestoken te worden.


 


Intussen is het bijna donker, als de lichtjes allemaal branden is het helemaal

sprookjesachtig. Er worden muziek- en dansvoorstellingen gegeven.


 


We vinden het wel mooi geweest, we gaan de bus opzoeken, die rijdt ook nog een

heel stuk door de uitbundig verlichte stad. Doodmoe rollen we aan boord.


Zondag, 01 maart 2015, vertrek Straitsquay Marina Penang.


Om 6.00 uur gaat de wekker, om 8.00 uur willen we vertrekken in verband met de

stroming. Snel koffie zetten, dan pak ik de laatste losliggende spullen in de kasten,

Roderick haalt de lichtslang uit de mast, nog even de watertanks afvullen, electra

eraf, toegangskaarten inleveren en dan gaan we op weg om Pam en Ted gedag te

zeggen, maar halverwege komt Pam al naar ons toe met dezelfde intentie. Om 8.00

uur gooien we inderdaad los. Het is 3 uur na laag water, we zouden het net moeten

kunnen halen, maar bij het doorvaren van de havenpieren lopen we toch aan de

grond. We weten weer los te komen, varen een rondje in de marina en proberen het

iets dichter langs de kant nogmaals met wat meer gas en dat gaat net goed. Wij zijn

weer op weg. We willen alleen overdag varen in verband met de vele vissers en

netten hier overal. Van Georgetown naar Port Dixon is 200 Nmijl, 370 km, we

denken het in 4 dagen te doen. We varen zuidwaarts door het kanaal tussen Penang

en het vasteland van Malaysia, daarom is het tijdstip van vertrek zo belangrijk in

verband met de stroming, die kan hier door de trechterwerking flink sterk zijn.

De laatste beelden van Georgetown vanaf het water. We hebben hier een geweldig

fijne tijd gehad, veel beleefd, veel van de cultuur meegemaakt en geleerd.


 


 


Als we net weer in ruim water varen, komt er een visser aangesjeesd, die recht

voor onze boeg zijn net uit gooit. Ze spotten de vis, sjezen er naar toe en gooien

in snel tempo hun net uit op volle vaart in een cirkel varend, en dat jij er net

aankomt, jammer dan. Het loopt weer goed af, maar dat ligt meer aan ons, dan aan

die visser.

We naderen de Penangbridge, die het eiland Penang met het vasteland verbindt.

de brug is 13,50 kilometer lang, de doorvaart is 28 meter hoog, maar als je met de

zeilboot nadert, is het altijd eng. Je kijkt vanaf het water in zo'n ander perspectief,

dat je er van overtuigd raakt, dat je met de top van de mast het wegdek zal rammen. Altijd weer spannend.


 


Natuurlijk gaat het goed. 


   


 


Zo dat was Penang Bridge nummer 1, zo dadelijk nog Penang Bridge nummer 2.

Nummer 2 is nog langer, het is zelfs de langste brug in heel Zuid Oost Azie en wel

16,90 kilometer lang.

 


En wie zou niet aan zichzelf gaan twijfelen bij dit gezichtsbedrog?


 


Na de bruggen rollen we ons voorzeil uit, er komen een aantal dode visjes uitrollen.

In de marina waren heel veel vogels, iedere dag werden we gewekt door het

mooiste getierelier, in het water heel veel vis, dus de vogels vangen een visje,

vliegen de mast in om het op te eten, maar af en toe verliezen ze hun buit, daarom

regent het bij ons nu visjes. De wind is zo weinig, dat we de motor voortdurend aan

moeten houden. Ach eigenlijk best wel relaxed op deze manier, we zitten ieder aan

een kant languit op een kuipbank, kunnen zo zonder moeite alles goed in de gaten

houden, een lekker lauw windje over ons lijf, rustig water, heerlijk zo.

Om 19.00 uur laten we ons anker zakken op een ondiepe plaat ver van de kust.

Aanvankelijk lijkt het erop dat we een flink onweer over ons heen krijgen, maar na

een hoop geweerlicht en wat gerommel lost dat weer op. Het is buiten heerlijk, de

maan schijnt, de hele zee is diffuus verlicht, ik blijf lekker buiten op de bank slapen.

Natuurlijk ben je tig keer wakker en maak je even een rondje, maar het was een

prima nachtje. Positie 04.44.191 N, 100.29.032 E.


Maandag, 02 maart 2015, onderweg van Penang naar Port Dickson.


6.00 uur op en nog voor zonsopgang zijn we al weer onderweg. Motorzeilend over

een grote ondiepte met 3-4 meter water. Voorzichtig laverend tussen de netten en

vlaggetjes van de vissers. Een paar uur later komen we weer in wat dieper water

terecht, er is nog steeds nauwelijks wind, we zien een grote waterspin op een plastic

bakje, er komt een groep dolfijnen langs en Roderick ziet nog de spuit van 2

walvissen. Niet slecht voor een dag in de week. 's Middags raken we verzeild tussen

wel 40 grote vissersschepen, als we daar doorheen geworsteld zijn, ze hebben

namelijk 200 meter lange lijnen achter zich aan, dus je kunt er niet zomaar achter

langs, als ze voor je langs gaan, varen we daarna richting kust om wederom ver

vanaf het land ons anker te laten zakken, het valt hier heel ver droog, dus we

moeten op grote afstand blijven. Voelt heel raar om als het ware midden op zee te

ankeren. We liggen op de grens tussen Perak en Selangor, in positie 03.55.005 N,

100.41.124 E, op een diepte van 3,3 meter onder de kiel.

Van zonsopgang 07.30 tot zonsondergang 19.30, per dag is het precies 12 uur licht.


 


Dinsdag, 03 maart 2015, onderweg naar Port Dickson, Malaysia.


Wederom vroeg ankerop, we moeten het daglicht zoveel mogelijk benutten. We

varen nog steeds in de Baai van Bengalen in de Straat van Malakka.

Het is weer waterhozen gebied. We zien er 3 vlak na elkaar. We hebben er gelukkig

geen last van.



We hebben de zeilen op staan af en toe helpt de wind een beetje mee. Wederom

zijn er een groot aantal vissersboten om ons heen. Je zou toch denken, dat die zee

bijna leeg zou zijn, maar achter ons eigen schip springen de visjes als pinballs

omhoog uit het water. Ineens verliest de motor zijn vermogen, het toerental gaat

razendsnel omlaag, dat is niet goed. Ik roep naar Roderick, die net op de boeg iets

met het zeil aan het doen is. Als hij naar achter komt, neemt het toerental weer toe

en loopt de motor weer. Pfff, we zitten midden tussen de vissers en er is geen wind

meer, dan ben je zonder motor direct stuurloos. Sinds het onderhoud van Roderick

in Telaga  doet de motor het al die tijd als een zonnetje. Bij nadere inspectie blijkt,

dat er een groot brok dikke zwarte diesel in de filter is gekomen, dus die moet

vervangen worden, maar op dit moment loopt de motor weer en we hopen dat dit

zo blijft totdat we tussen de vissers uit zijn. We besluiten om linea recta richting

kust te varen, want we naderen het loeidrukke havengebied van Port Kelang en

voor die tijd moet de motor weer op orde zijn. Zo gezegd zo gedaan. Uit de drukte

laten we ons anker op een ondiep stuk zakken en gaat Roderick aan de slag met het

filter verwisselen. Altijd een rotklus, zeker met een gloeiend hete motor in een

gloeiend heet schip. Twee uur later varen we weer, op dit stuk is het moeilijk een

geschikte ankerplaats te vinden, dus we besluiten de nacht door te varen. Het loopt

tegen volle maan, dat is prettig varen in het donker. In de middag kunnen we een

flink stuk alleen op zeil afleggen, we slapen om beurten een uurtje om alvast wat

kracht voor de nacht verzamelen. We hebben een lekker dinertje bij ondergaande

zon van bami met ketjapvlees uit het pakje. Het gaat heerlijk. De tweede helft van

de nacht is moeilijker, stroom tegen, er zit bijna geen voortgang in, het is juist deze

nacht dichtbewolkt en vochtig, dus pikdonker, we moeten nu door het

voorzorggebied van Port Kelang, waar tientallen grote zeeschepen voor anker liggen

en een aantal andere vanuit de Shippinglane naar de haven afbuigen en vice versa.

Per schip moet je uitvogelen of hij nu wel of niet beweegt. Op de AIS zien we dat hij

voor anker ligt, maar als je er dan net voor langs vaart, gaan ineens alle lichten aan

of wordt de motor gestart, je schrikt je rot. Daartussen door heen en weer sjezende

visboten. Ogen, oren en hersens te kort op zo'n moment. We gaan om beurten een

paar uurtjes slapen en als je dan buiten komt, is het ineens koud! Net op het

dauwpunt, vochtig, wat wind, we kleumen en gaan op zoek naar een warm jack, dat

hebben we niet meer nodig gehad sinds we hier aangekomen zijn. En ja, jullie

hoeven niet te lachen, ik denk dat het 24 graden was. Dat zal wat worden als we

straks in Nederland aankomen.

 

Woensdag, 04 maart 2015, aankomst Port Dickson.


Daar is het zonnetje weer, we motoren lustig verder. Nog steeds een kalm zeetje.

Om 9.00 uur komt de grote haven van Port Dickson al in zicht, maar voordat we

daar zijn, duurt het nog uren. We hebben flink stroom tegen.


   


Als we uiteindelijk de haven gepasseerd zijn om 12.00 uur, hebben we nog

anderhalf uur nodig naar de Admiral Marina, die in de volgende baai ligt. Om 14.00

uur liggen we afgemeerd in box C 28.

Het is prettig dat we hier al eerder geweest zijn, hoeven we niet eerst alles uit te

vogelen en op te zoeken. Roderick gaat naar het havenkantoor om alvast voor 3

maanden vooruit te betalen, dan krijg je namelijk 20% korting, dat is mooi

meegenomen. We hebben nu nog 6 dagen en komen 12 mei weer terug, dan

moeten we even acclimatiseren,  het schip moet weer getuigd worden en grondig

geinspecteerd, een hoop boodschappen gedaan en dan vertrekken we hier 3 juni

weer. Intussen ga ik het afval wegbrengen en als Roderick terugkomt gaan we

linea recta naar het zwembad hier, want zwemmen, dat hebben we wel gemist.

We raken in het zwembad in een leuk gesprek met een Engelse Captain in loondienst

van een particulier jacht. Na een uurtje hebben we genoeg geweekt en gaan we

terug aan boord om een beetje bij te slapen.

De banden waar de dinghy mee vastgemaakt wordt op het dek, maken we los,

zodat we de dinghy aan een val in de mast een stukje omhoog kunnen hijsen en

het luik in onze slaapkamer open kan staan.



Donderdag, 05 maart 2015, Admiral Marina, Port Dickson


Luieren gaat het niet worden vandaag, we moeten naar de stad om in te klaren bij

de Port Captain en de Douane. Eerst twee kilometer lopen naar de bus, het is zo

warm, we zijn al moe voordat we bij de weg zijn. Half uur met de bus en dan weer

een kilometer lopen naar de grote haven, waar we moeten zijn. Hier in  Malaysia

gaat het allemaal vrij soepel, het kost je alleen heel veel tijd. Dan gaan we op zoek

naar vissersflitslampjes, die gebruiken we voor extra zichtbaarheid in de nacht op

zee, ze werken op batterijen, kosten maar een paar euro en voldoen prima. Bij het

zeilen hebben we verplicht ons toplicht aan, maar daar zijn ze hier helemaal niet aan

gewend, dus hebben we zo'n flitsend lampje voor op de boeg en achter op het

hekwerk, zo lopen we minder risico om aangevaren te worden. In Nederland zou je

direct een boete krijgen met zulke lampjes. Toevallig zijn ze net overal uitverkocht,

vervelend. Dan nog even langs de grote supermarkt voor een korte inspectie wat ze

ook alweer verkopen, in verband met onze proviandering voor Zuid Afrika. We

hebben nu duidelijk voorkeur voor bepaalde merken, het meeste kunnen we hier wel

krijgen. We nemen alleen een paar blikjes rundvlees mee, Rendang Lada Hitam, dat

is in zwarte pepersaus en een ander blikje, beef kari, rundvlees in currysaus. Kunnen

we ook nog even uittesten of die te eten zijn. Verder lopen we gewoon de stad even

door, we zijn nu zoveel meer ervaren, dan de eerste keer, dat we hier waren. Dan

gaan we ergens een warme lunch gebruiken en wandelen we weer terug naar het

busstation. Op de terugweg zien we op het strand allemaal militairen tenten en

barakken op bouwen, overal camouflagenetten, een podium, kortom een heel

gedoe, het zijn er nogal wat. We hebben de buschauffeur gevraagd ons even te

waarschuwen, waar we er uitmoeten, want dat kun je vanaf deze kant niet zo goed

zien. Hij matst ons en stopt bij de weg naar de marina. Lief hoor, want daar is geen

halte, maar omdat de bus op de drukke verkeersweg staat en we op willen schieten

en ook in het hoge gras moeten springen, gaat Roderick toch direct weer door zijn

enkel. Maar gelukkig valt het deze keer mee. Terug aan boord vinden we eigenlijk

wel, dat we voor vandaag genoeg gedaan hebben, het is 16.00 uur, het is mooi

geweest. We liggen trouwens wel weer op chic in deze haven.


   


Vrijdag, 06 maart 2015, Admiral Marina, Port Dickson.


We gaan hard aan de slag, Roderick gaat de genua zoet spoelen en alle lijnen door

een bak met sop halen en ik haal de hele boot overhoop om de spullen voor

Nederland te verzamelen. In alle hoeken en gaten ligt wat verstopt, dus alles moet

open en leeg en tegelijkertijd schoongemaakt. Ik mik het provisorisch in koffers en

tassen, zodat ik kan wegen hoe ver ik nog kan gaan. We willen graag een beetje

ruimte scheppen in de boot en we nemen nauwelijks kleren mee, we hebben al een

flinke berg liggen. Intussen is de genua alweer gedroogd, dus die kunnen we op de

steiger opvouwen en in de zak stoppen. We zweten ons rot, maar weer een klus

geklaard. Snel even naar het zwembad, even dobberen en afkoelen. Roderick heeft

gekookt met een van de nieuwe blikjes vlees, lekker, daar kunnen we ook wel wat

van inslaan. We maken een foto van het blikje, dan weten we over 3 maanden welk

merk we moeten hebben. Bij deze marina is een goede bewakingsdienst, die bij alle

toegangshekken staat, af en toe maken ze ook een rondje op de brommer over de

strekdam.


 


De hele dag vliegen er helicopters heel laag over, maken een rondje boven de

marina, keren weer terug, nog lager. Dan komt er een hele formatie

gevechtshelicopters over, wauw, dat is indrukwekkend met vol geschut, ik ben blij

dat we gisteren vanuit de bus dat militaire kamp gezien hebben, anders werd je toch

echt wel ongerust. Ze blijven af en aan vliegen, we kunnen het goed zien, wij liggen

met de kuip richting zee en kunnen over de strekdam heen kijken. 's Middags wordt

er ook flink geschoten en horen we explosies. Eigenlijk zouden we vandaag pas

aankomen, wat een mazzel dat we de nacht doorgehaald hebben en daardoor hier al

liggen. Je schrikt je niet alleen te pletter, maar je mag ook in die tijd niet door dit

gebied heen varen.


 


Zaterdag, 07 maart 2015, Admiral Marina, Port Dickson.


Vandaag alweer een zuster jarig, Netty gegeliciteerd, we hebben een paar keer

geprobeerd te bellen, maar het is niet gelukt. Over een paar dagen komen we zelf

wel zoenen. Roderick is toch nog wel erg gammel, beter dat hij rustig aan doet, ik ga

er wel met dubbele kracht tegen aan. Ik heb nog bijna 10 kilo te gaan, dan loont het

om eens onder ons bed te gaan graven. Alleen moeten dan de dikke binnen vering-

matrassen er af getild, de lattenbodems weg, dan de bodemplaten weggehaald en

dan graven maar. Ach het kan geen kwaad, ik heb alles weer eens in handen gehad

en nagekeken. Dan kiezen wat mee kan en de rest weer in elkaar knutselen, zodat

het bed weer in elkaar gezet kan worden. Qua totaal gewicht zit ik nu goed,

vanavond maar eens proberen, dat op de juiste manier over de koffers te

verdelen. Even een snelle duik in het zwembad, ja, je kan natuurlijk ook gaan

douchen, maar dit is veel leuker. Het is een heerlijk zwembad, mooi aangelegd, goed

onderhouden en met grote hoge palmen en bloeiende bomen er om heen, waardoor

het water in de schaduw blijft.


 


Dan stadkleren aan, we gaan bij het centrum bij ons in de buurt wat eten, wel weereerst 2 km lopen, ach anders worden we maar lui en vadsig.


 


We lopen nog even bij de viswinkel naar binnen, even met handen en voeten praten,

en ja, hij heeft vislampjes. Ook klaar. We hebben weer heerlijk Maleis gegeten, een

verse koude drinkkokosnoot erbij. Zo we kunnen er weer tegen. Weer in de benen,

eenmaal aan boord is Roderick af, die gaat zijn bedje in, mooi dan kan ik de boel

weer overhoop halen en alles in de koffers zien te krijgen. Het wordt een latertje,

maar in principe ben ik hier klaar mee, nu alleen nog maandag alles soppen, maar

daar hoef je niet bij na te denken. Bijna klaar, lekker.


Zondag, 08 maart 2015, Admiral Marina, Port Dickson.


Veel van het zelfde. Vannacht realiseerde ik mij ineens, dat we als we terugkomen, we meteen een paar dagen in Kuala Lumpur willen doorbrengen, daar hebben we weer extra koele en luchtige stadskleding voor nodig. Daar heb ik in Holland niets van liggen, dus toch nog maar wat in de koffers gepropt. Verder gaan we gewoon stug door. Om 15.00 uur stoppen we weer om naar het zwembad te gaan, dat bevalt prima zo. Om die tijd ben je al zo moe en is het zo heet.


 


De kledingvoorschrifen voor het zwembad zijn duidelijk aangegeven. Je mag in een

speciale moslima outfit, ook de heren mogen gedekt in speciale kleding en verder

alleen in badpak of zwemshort. Dus niet compleet met allerhande lagen lange

rokken, lange blouses erover en een sluier met nog een aparte gezichtsbedekking.


 


Na het zwembad gaan we dan lekker een drankje aan boord drinken, languit op de

kuipbanken, dan eten we ook meteen en zo mogelijk gaan we de avond dan nog

door. In principe is alles klaar, alleen op de laatste dag, morgen dus, moeten er nog

allerhande schoonmaaktrucs en dergelijke toegepast worden. De beide watertanks

moeten volgetankt en daar voegen we bleekwater bij, alle leidingen moeten we dan

ook doorspoelen, de afsluiters dicht, de gasfles loskoppelen, extra schaduwzeilen,

extra lijnen en dan als klap op de vuurpijl overal anti-insectenspray spuiten. We

wilden alvast de taxi voor naar het vliegveld bestellen, maar na 5 verschillende

personen aan de lijn gehad te hebben, die allemaal 3 woorden Engels spraken, gaan

we dat morgen nog maar eens proberen. En dit is dan weer de bewakingsdienst, die

zodra we de steiger omhoog lopen, aan komt snellen om de poort voor ons te

openen en ons een welgemeend goedenmiddag wenst met genegen hoofd en een hand op zijn hart. Dat voelt heel goed.

 

 


Maandag, 09 maart 2015, Admiral Marina, Port Dickson


Maandag Wasdag. En hoe, maar het is heet, dus met water ploeteren is wel fijn en

na een paar uurtjes ligt alles al weer in de kast. Verder door met schoonmaken en

ordenen. 's Middags wandelen we even naar het strand, prachtig strand, mooi

zeetje, maar net aflopend water, daardoor stikt het van de zandvlooien en de

krabbetjes. Daarna lekker even in het zwembad, de laatste verse spullen opeten en

vroeg naar bed.


Dinsdag, 10 maart 2015, Admiral Marina, Port Dickson, vertrek naar Nederland.


Tjee wat moet er toch veel op het laatste moment, we ploeteren wat af, maar alles

is klaar. De watertanks afgevuld met water met bleekwater, de leidingen gespoeld,

extra lijnen op de afdekzeilen, dat kan pas als de ramen gesloten zijn, enz enz.

De taxi bestellen heeft nog wat voeten in de aarde, gisteren al drie maal

geprobeerd, maar iedere keer kregen we weer een ander, omdat ze het niet

verstonden. Vandaag weer twee maal gebeld, maar klokslag 18.00 uur stond de taxi

voor. We zeulen weer met 80 kilo bagage. Hehe, we zitten in de taxi, rust! Kuala

Lumpur International Airport is maar liefst 68 kilometer verderop. Nu zitten we op

de luchthaven te wachten tot het tijd is om in te checken. Om middernacht vliegen we, om precies te zijn 23.49 uur local time. Morgenochtend komen we om 5.59 uur

Nederlandse tijd aan. Dan hebben we 13 uur gevlogen. Hopen dat alles goed gaat,

de laatste tijd gaan we niet meer zo onbevangen het vliegtuig in. Zondag was de

hele dag de herdenking op de radio van het 2e Malaysische vliegtuig, de MH 370, dat

een jaar terug verdwenen is. Het zal wel goed komen.

Tot straks allemaal.


We gaan verder met 2015 Nederland