Zondag 25 januari 2015, Straitsquay Marina, Georgetown, Penang, Malaysia.


Om 18.15 uur aangekomen in de Straitsquay Marina, hier wilden we al steeds naar

toe, maar er was steeds geen plek voor ons. Het is een kleine marina in een luxe

resort, een heel groot nieuw complex aan het waterfront met een modern

winkelcentrum, luxe woningen, restaurants, supermarkt, kortom met alles erop en

eraan. Voor ons een hele cultuurschok.



Het hele centrum is prachtig mooi gedecoreerd in verband met het aankomend

Chinees Nieuwjaar. Overal lampionnen en glitter, in de centrale hal staat het Ship

of Prosperity, vol met gouden kadootjes, ook weer in de vorm van een bootje.

Alles staat in het teken van Prosperity (voorspoed) en Happiness (geluk).


 


Er is ook van alles te doen, deze dagen is er een autoshow van dure auto's.

Vooraan staat een prachtige Rolls Royce, maar daar wordt maar even naar

gekeken, voor de mensen hier, heel veel Chinezen, is het toppunt van succes een

Mercedes of BMW, daar willen ze allemaal mee op de foto.



Verder is er een springkussen voor de kinderen in de vorm van een groot

piratenschip, er zijn wedstrijden, loterijen, muziek en in de komende weken wordt

er van alles georganiseerd. We vinden het nu al leuk en besluiten om meteen ons

verblijf hier te verlengen als dat mogelijk is. We gaan een hapje eten en dan naar

de supermarkt. En wat voor een! Een enorme sortering, alles mooi gepoetst en

uitgestald, de appels glimmen en liggen allemaal met hun steeltje naar dezelfde

kant, maar de prijzen zijn op normaal niveau, behalve natuurlijk als je voor de

dure import delicatessen kiest. Maar alles is er te koop, behalve varkensvlees

producten, het moet wel Halal zijn, Italiaanse pastasausen, Franse kazen,

Australisch rundvlees, allerhande Chinese, Japanse, Thaise producten, zelfs een

Eru Goudkuipje smeerkaas, nou die laat ik me niet ontgaan. Ik stond op de import

groenteafdeling met iets onbekends in mijn handen, wat zou het zijn? Lees ik het

etiket: Mierikswortel uit Nederland! Laat ik die nog nooit in mijn leven gezien

hebben.


 


Maandag, 26 januari 2015, Straitsquay marina, Georgetown, Penang.


Roderick gaat zich eerst melden bij John, de havenmeester. Ook vraagt hij

meteen verlenging van ons verblijf aan, 1 week kunnen we er sowieso bij krijgen,

de week erna is volgeboekt, maar John gaat het voor ons proberen. Dan gaan we

op zoek naar een ATM machine, een flappentapper, want we zijn bijna helemaal

door ons geld heen. De ATM bij de marina weigert onze kaart te accepteren, dus

dat wordt niets. Een kwartier verderop is een ander winkelcentrum met een grote

Tesco Hypermarkt, daar staan ook ATM machines. Dus wij op stap. Tesco

gevonden, ATM gevonden, maar geen geld gescoord. Dat is nou vervelend.

Verschillende machines geprobeerd met zowel de pinpassen als de creditcards van

verschillende banken, maar ze laten ons het hele menu doorlopen, maar we

krijgen geen stuiver. Vervelend nou. We gaan de Tesco maar verkennen. Wauw

wat is die groot. Ook hier alles in de sfeer van Chinees Nieuwjaar. De entree is

helemaal aangepast en er zijn meters lange stellingen met mooi in geschenk-

verpakking gehulde levensmiddelen. Blijkbaar is het traditie om elkaar

geschenken te geven. En stellingen vol met dozen mandarijnen in speciale

verpakking. Het meeste wordt ook meertalig aangekondigd, Maleis, Chinees en

Engels. Het is hier echt een smeltkroes van culturen.


 


We lopen ons een paar platvoeten en kijken ons ogen uit. Er zijn veel decoraties te

koop voor de feestdagen, dus uiteraard schaffen wij ons ook een grote rode

lampion aan, die nu in de kuip hangt. Roderick vindt nog een Mah Jonggspel voor

aan boord met grote zware stenen, loodzwaar, maar zijn ogen begonnen meteen

te glimmen, dus... We kunnen hier met de creditcard betalen, dus die werkt wel.

We eten nog een hapje, kopen nog wat kleine dingen en dan hebben we geen cash

geld meer. Morgen weer een dag. We lopen ons natuurlijk weer een versuffing te

sjouwen met onze aankopen, het is gelukkig maar 20 minuten lopen. Om

vervolgens bij de marina te komen, moet je altijd door het winkelcentrum heen, er

zijn vele gangen en iedere keer zien we weer iets nieuws. Hier in de hal staat Mei

Mei, het meisje dat volgens de legende zo graag wilde vliegen en toen van uit de

lucht op Penang neerkeek en dacht dat het een schildpad was. Hoe het afloopt

weet ik ook niet.


 


Na een rustpauze aan boord gaan we nog even de andere kant van de marina

verkennen. We lopen een heel eind langs zee en bedenken dan, dat misschien de

ATM machine leeg was of dat misschien de verbinding met de bank gestoord was,

dus lopen we weer helemaal de andere kant op naar de Tesco om het alsnog een

keer te proberen, anders nemen we gewoon geld op met de creditcard. We hebben

ze allemaal bij ons gestoken. Al lopend gaan we ook meteen op zoek naar

bushaltes en busnummers, daar willen we veel gebruik van gaan maken. In het

warenhuis lopen we tegen een oude bekende aan: de Pink Panther, jarenlang

hebben wij zo'n grote in huis gehad.


 


Nu eerst een paar verdiepingen naar boven naar de ATM machine, hee, er krijgen

mensen geld uit, dat is een goed teken. Ja voor hen, maar niet voor ons. Welke

kaart we ook gebruiken, het wil niet. En de rij ... werd hoelanger hoe langer.


 


Maar geld, ho maar. Nu wordt het toch wel penibel, we hebben nog maar 12

Ringgit. Nou morgen maar een nieuw plan bedenken. Ook Coca Cola doet weer

mee met een special item in het Chinees. Jammer dat ik al die dingen niet naar

Nederland kan meenemen, het is zo leuk om te zien, net als de Pink Panther, daar

had Mirel ook wel zin in. In  het donker komt de versiering nog mooier tot zijn

recht.


 


Dinsdag, 27 januari 2015, Straitsquay marina en Georgetown City.


Nu moeten we toch echt eerst ons cashprobleem proberen op te lossen. Er gaan

bussen naar de stad, maar we hebben nu nog maar zo weinig Ringgit, als we

moeten overstappen of fout gaan, kunnen we niet meer betalen. We vragen de

havenmeester om raad, die weet nog een paar banken te zitten op een kwartier

fietsen afstand. Dus dat gaan we proberen, we hebben ook nog flink wat Thais

geld, dan kunnen we altijd nog bij een wisselkantoortje wat Ringgits scoren.

Met onze vouwfietsjes over de drukke weg, 3 banen vol auto's, bussen en

motoren en 2 fietsjes. We fietsen zo dicht mogelijk langs de kant, maar daar

liggen ook de roosters over de waterafvoeren, met tralies met hele brede

uitsparingen en wij hebben maar piepkleine bandjes. Af en toe moeten we

invoegen om rechtsaf te slaan, ze rijden hier links, dan begeven we ons midden in

het strijdgewoel, een ander moment staan we vooraan bij het stoplicht en komt

iedereen ons links en rechts voorbij sjezen, ik heb de neiging om af en toe mijn

ogen dicht te doen. We vinden de bank, de Affin bank, stoppen de kaart in de gleuf

en even later hebben we handen vol Ringgits. Dat is een zorg minder. Nu gaan we

maar meteen door naar de oude binnenstad van Georgetown. Het volgende stuk

gaat langs het water, de Persiaran Gurney, daar pakken we gewoon de stoep, dat

gaat beter.



Bij Plaza Gurney maken we een stop, ook hier weer een grote luxe shoppingmall,

prachtig gedecoreerd. Het wordt het Year of the Goat, van de geit, dat wordt ruim

geinterpreteerd, soms zie je hele stoere rammen, maar hier schattige geiten. En

veel roze als teken van een nieuwe lente, een nieuw begin.


 


 


We doorkruizen de hele shoppingmall, het is giga, net als de decoraties. In de

centrale hal zijn de decoraties 3 verdiepingen hoog. Op de andere kruispunten

staan bloemen prieelen, nog meer geiten, overal roze boompjes.



Ze hebben hier niet alleen een foodcourt, een verdieping waar je overal eten kunt

halen, bij alle verschillende zaakjes, en dan zoek je zelf een tafeltje om het op te

peuzelen, maar ook een soort binnenhof, waar je buiten kunt eten. Nou zo

beeldschoon, hier wil ik natuurlijk eten.



De prijzen vallen geweldig mee, als je een beetje slim uitzoekt. We kiezen voor

een Set lunch, zoals dat heet. Een soort vastgesteld lunchmenu met beperkte

keuze. Nou superheerlijk Thais, we hebben gesmuld.En ja, ik kan het niet laten om

jullie jaloers te maken. Al dit eten was 30 MR, 7,50 euro, daar kwamen dan 2 dure

glazen versgeperst vruchtensap bij voor 10 MR elk, dus in totaal moesten we

12,50 euro afrekenen. Op een beeldschone lokatie, niet te geloven toch.


 


Zo we zijn er weer helemaal klaar voor, we pakken de fietsjes er weer bij voor de

volgende 6 km speedcross, je moet er maar niet teveel bij nadenken, wat er

allemaal mis kan gaan. Het verkeer is zo waanzinnig druk, dit lijkt die drukke weg bij

het Waterlooplein in Amsterdam, tijdens spitsuur, met ons als enige fietsers. We

komen veilig aan en gaan eerst op zoek naar de Chinese tempel gewijd aan de

Goddess of Mercy, Kuan Yin. De bouw van de tempel is gestart in 1728 door de

Chinese pioniers en is klaargekomen in 1800. En die is toch prachtig versierd!!!



Wauw wat gaaf!


 


Iedereen is druk bezig om het nog mooier te maken, de koperen borden worden

opgewreven tot dat ze blinken, dit is gewoon in de gebedsruimte. Het is ons al

vaker opgevallen, dat in de tempel het gewone leven ook doorgaat. De altaren

staan er prachtig opgepoetst bij, de mensen komen bidden, zetten offers neer, en

anderen zijn bezig dozen uit te pakken of offerbordjes af te wassen in de

gootsteen die vlak voor het altaar staat.


 


 


Vooral flessen olie en mandarijnen worden als offergaven gebracht. Het lijkt wel of

er een groot oliebollen festijn is gehouden. Ook op straat zie je overal stalletjes,

waar je deze flessen olie kunt kopen.


 


De fietsjes staan nog netjes op ons te wachten, maar we gaan het volgende stuk

lopend verder, er is zoveel te zien.


 


We lopen door tot de grote Kapitan Keling Moskee.

De Kapitan Keling Moskee is in 1801  door Captain Keling van het Engelse leger

hier gesticht. Tijdens het Engelse koloniale bewind werden hier vele slaven en

plantage arbeiders vanuit India aangevoerd. In deze moskee wordt dan ook de

dienst in het Indiaas gehouden. We boffen, we kunnen een rondleiding krijgen, dat

wilde ik altijd al eens. We worden gehuld in lange paarse mantels, ik liep er best al

zedig bij, in Moslimgebied loop ik altijd met een kniebroek en bedekte schouders,

maar ja, het decollete, daar kun je niet om heen, daarbij moet ik als vrouw ook

mijn hoofd bedekt hebben. Okay, doen we, ik verdwijn in die mantel, Roderick

daarentegen loopt in korte broek, dus die moet zo’n zelfde mantel aan, maar die

komt net tot aan zijn knieen, blote benen en voeten er onder uit.


 


We krijgen een leuke en interessante tour over de Moslim gebruiken, niet alleen

moeten ze vijf maal daags bidden, van te voren moeten zij zich ook ritueel

reinigen, de gebeden worden in het Arabisch gezegd, exact zoals ze in de Koran

worden aangegeven en iedere dag moeten er 17 items afgehandeld worden, maar

dat mag je zelf indelen.


 


Bij het gebed in de Moskee, mannen en vrouwen gescheiden, gaan de gelovigen

met de voet en schouder tegen elkaar aanstaan, dit om de saamhorigheid te

benadrukken. Vrouwen zijn welkom in de moskee, maar vanwege de eerbied om

andermans vrouw niet aan te raken, volgen zij in een andere ruimte de dienst. Het

zijn die kleine dagelijkse wetenswaardigheden die de tour juist zo de moeite

waard maken. Hier in Malaysia, dat overwegend Moslim is, hebben de vrouwen

trouwens een belangrijke functie, ze lopen dan weliswaar gesluierd, maar ze

worden overal bij betrokken en hebben duidelijk iets in te brengen. Als ik dat dan

vergelijk met wat ik af en toe in Nederland las of meemaakte. Hier heersen

culturele regels, maar de vrouwen hebben heel veel vrijheid en zeggenschap. Wij

hebben in al die tijd geen enkel probleem gehad.

De gids geeft uitleg over de rituelen, er is hier een speciale wasgelegenheid in de

tempel, hij gaat met iemand van de groep als voorbeeld in gebed. Hij is duidelijk

trots op zijn geloof. We mogen overal kijken en vragen stellen.


 


Naderhand gaan we naar de minaret, waar in een soort bezoekerscentrum

gemaakt is, er is een gezellig zitje, overal boeken en  brochures, die we mogen

in kijken. We krijgen allemaal een beker gekoeld water en gaan dan met drie

Koreanen, twee Indiers, de Moslimgids en ons twee nog een kleine discussie aan. 

Het was een heel geslaagd bezoek


 


Daarna terug naar de fietsjes, maar als we nu nog een paar straten verder lopen,

kunnen we dwars door Little India terug. Oh je kijkt je ogen uit, in de winkeltjes

de meest beeldschone kleding, sprookjesachtig mooie Sari’s, suikerzoete kleuren

en ook overal altaren, heiligen beelden, wierook, bloemenslingers en allerhande

kitsch voor op de altaren,Indiase muziek en van die heel gave uithangborden. Een

drukte en gekrioel en heerlijke etensgeuren. We lopen te genieten. Als het verkeer

een paar seconden stil staat, kan ik gauw een foto van de tempel maken.


 


Aan de overkant zien we een uithangbord met dansende Ganesha’s, het is een

winkel met allerhande “artifacts” op religieus gebied. Prachtige beelden,

kunstvoorwerpen, schilderijen, hartstikke gaaf.



Roderick vertelt dat we echt niets gaan kopen, omdat we op een boot wonen enz.

dat begrijpen ze, maar omdat we zo enthousiast zijn over hun collectie mogen we

overal rustig rondkijken en ook naar achter, waar het tempelgedeelte is.


  


Er staan ook beelden van Kali ma, de zwarte godheid, waar je echt geen ruzie mee

moet krijgen. Dus laat ik direct een paar kreten vallen, (dank zij ons filmverleden,

weten we een en ander, Mirella snapte het ook meteen, die stuurde ons een

mailtje met Mola-ram, Sude-ram, bom, bom), en de eigenaar voelde zich heel

vereerd en begon meteen van alles te vertellen.


 


Normaal ga je in zo’n winkel niet fotograferen, maar ik had toestemming gevraagd

voor een paar foto’s en dat vonden ze prima, ook in de tempel was okay, maar

daar stonden mensen te bidden, dus dat hebben we gelaten.


 


Toen we afscheid genomen hadden en weer op straat liepen, kwam een

medewerker ons terugroepen, de baas wilde ons nog wat geven. We kregen een

kleine zwarte knikker van gemalen en weer geperste steen, die was gemaakt van

de heiligste stukken steen van 200 tempels in Thailand, die moeten we bij ons

dragen ter bescherming. We voelen ons zeer vereerd en ook geroerd door zo’n

gift.

Nu moeten we echt op huis aan, het is nog bijna 15 km fietsen, wederom hebben

we halsbrekende toeren moeten uithalen, het is loeidruk. De eetstalletjes langs de

weg zijn nu open en af en toe stopt er een auto ineens midden op de weg, blijft

daar gewppm staan, ondanks dat het spitsdrukte is, gooit zijn portier open en

gaat een portie eten ophalen. Veilig aangekomen, bekaf van alle indrukken en niet

te vergeten de 35 graden hitte. Moe dat we zijn! Het was wat je noemt een

stichtelijk dagje, een bezoek aan de Chinese tempel, de Kapitan Keling Moskee en

de Indiase tempel.


Woensdag, 28 januari 2015, Straitsquay Marina, Georgetown, Penang.


Vandaag even rustig aan, we voelen het wel als we zo’n dag zo druk in de weer

zijn geweest. Rustig ontbijtje buiten in de kuip, een beetje oeroesen, nog even

een ander stuk van de Shoppingmall hier verkennen.


 


’s Avonds ben ik druk bezig met uit te vogelen, waar we (lees ik) naar toe willen,

hoe daar te komen met Openbaar vervoer, er is hier een goed bussysteem, en

waar de bushaltes te vinden zijn, we moeten namelijk overstappen om buiten de

stad te komen.


Donderdag, 29 januari 2015. Straitsquay Marina en de Kok Lek Si Tempel.


Vandaag gaan we onze puzzelrit per bus starten. Dat houdt ons lekker bezig. Het

is allemaal niet zo moeilijk om uit te vinden, hoe we ergens moeten komen, maar

we zitten met de plattegrond op schoot om alles wat we onderweg zien te kunnen

localiseren en ook de overstapplaatsen met andere buslijnen in ons hoofd te

prenten voor een andere keer. Er is een halte hier bij de grote Tesco, 10 minuten

lopen, daar pakken we een van de bussen op om naar het busstation bij de

veerpont komen. Daar moeten we overstappen. We hebben van de week toch

echt wel een flinke fietstocht gemaakt, we zitten een uur in de bus en herkennen

nog steeds de straatjes.

We willen eerst bij de Clan Jettie’s kijken, een stukje World Heritage, net zoals de

hele oude binnenstad van Georgetown tot Werelderfgoed verklaard is. Hier langs

het water woont al sinds de 19e eeuw een grote Chinese gemeensschap van

handelaren, vissersmannen en dokwerkers. De huizen zijn gebouwd op palen en

verbonden door houten steigers, er omheen rijst overal de moderne hoge

nieuwbouw op. Iedere familie bewoont een eigen steiger. We vragen of we er rond

mogen kijken, geen probleem, maar je passeert de huisjes op anderhalve meter

afstand, deuren en ramen staan open, overal meuk en zooi, hier een oude Oma in

haar pyama, daar een middelbare Chinees die met alleen een afgeraggeld kort

broekje aan uitgebreid aan zijn teennagels zit te pulken. Het is ons te dichtbij, het

voelt als zo’n inbreuk op hun privacy, we gaan gewoon weer weg, we hebben het

wel gezien. We hadden hier eigenlijk een hapje willen eten, maar we gaan liever op

zoek naar een andere plek. Daar eten we een paar Bapao en er komt een lokale

gids bij ons aan tafel zitten, die honderduit vraagt en vertelt, dus dat was heel

leuk. Dan gaan we terug naar de Bus Terminal, we willen vandaag de grote Kok

Lek Si tempel bezoeken, ongeveer 30 km hier vandaan. Weer een uur in de bus,

zeker niet vervelend want er is genoeg te zien, het zijn comfortabele bussen en de

buskaartjes kosten geen fluit. 2 RM (2 kwartjes) per persoon, dus voor 8 RM

totaal komen we op de plaats van bestemming aan.

De Kok Lek Si tempel is een geweldig complex, de grootste Buddistische tempel

van heel Zuid Oost Azie. Met de aanleg is een begin gemaakt in 1890. Het complex

strekt zich over de hele heuvel uit en bevat onder andere de 7 verdiepingen hoge

handgemaakte Pagoda of the 10.000 Buddha’s, verder staat op de top van de

heuvel een 32 meter hoge bronzen beeld van Kuan Yin.



Zo'n prachtig complex en dan zijn dit aanwijsborden voor de toegang, zonder dat

zou je niet weten, waar je naar toe moet. Je start met een oude krakkemikkige

trap, door een donkere gangen vol kraampjes met T shirts en goedkope

toeristenmeuk en dan maar gewoon stug door blijven lopen naar boven.


 


We passeren een prieel gevuld met water, waar honderden schildpadden in

zwemmen. Hoewel zwemmen...



Naar mate we hoger komen, wordt het steeds leuker, de gebouwen zijn met

duizenden lampionnen versierd. Iedere boog, ieder poortje, iedere ronding, het is

ongelooflijk.


 





Het is bijna niet te geloven, duizenden en duizenden lampionnen, het ziet er zo

prachtig uit. Het zal er feeeriek uit zien als het donker wordt. We klimmen verder

omhoog in de pagode van de 10.000 Buddha's en het is bijna niet te bevatten, de

ene ruimte is nog mooier fan de andere. Buiten langs de gaanderij staan lange

rijen gouden Buddha's, waar we wel enorm aan moeten wennen is dat zij allemaal

en Swastika op de borst hebben, wat wij zien als een Hakenkruis, alleen de

richting van de lijnen is contra.


 


De hele entourage is in een woord sprookjesachtig, waar je ook maar kijkt.



De 7 verdiepingen hoge Pagode is vervaardigd uit handwerk. daar hebben ze dan

nogal wat mensen voor nodig gehad.



In de volgende ruimte staan 3 grote gouden Buddha's op de achtergrond hoor je

een Mantra gezongen door monniken. Op de achtergrond langs de muren weer

rijen Buddha's zij aan zij.


  



We passeren een aantal reusachtig grote beelden, zeker 10 meter hoog, uiteraard

ook goud, van die soort wachters met die hele woedende gezichten, je ziet ze ook

vaak bij de entree van de tempel. Onder hun voetzool worden de mensen

vertrappeld. Ze staan achter glas, dus moeilijk te fotograferen.


 


Hier nog een close- up van zijn voet, spreekt voor zichzelf.

We scharrelen wat door de tempelwinkel, Ja natuurlijk, die moeten er ook zijn.

Roderick koopt een belltetjes gong voor mij als verjaarskadootje, daar ben ik blij

mee. Daarna gaan we met de inclinator, een schuin oplopende lift, verder naar de

heuveltop naar het beeld van Kuan Yin.


 


Boven aangekomen blijken daar ook weer allerhande bouwsels en gebouwen te

staan. Het uitzicht over de stad is hier geweldig.


 


Hup daar gaan we weer, op naar het volgende, daar staat ie mooi te wezen:

Kuan Yin.


 


De beelden en ornamenten hebben immense afmetingen.



En alles is versierd, niet alleen met wel honderdduizend lampionnen, maar alle

beelden, randen en poorten zijn ook helemaal met led lichtjes bespannen en ze

zijn nog steeds bezig. We zien dozen vol met lege spoelen waarop de stroken

ledverlichting aangeleverd worden. We willen het heel graag in het donker zien,

maar vandaag hebben we al zulke enden gelopen, geklommen en zoveel gezien,

onze hersenschijfjes zitten vol, onze voeten zijn versleten, we gaan straks terug,

we moeten eerst nog de bus terug zien te vinden en in het donker wordt dat

helemaal lastig. We willen een andere dag terug komen tegen de avond. Maar

voorlopig zitten we nog op de top van de berg.


 


Een stukje verderop staan wel heel bijzondere heilige beelden...


 


Verderop staat weer een ander tempelgebouw, ook weer met allers erop en eraan.


 



Nu gaan we op zoek naar de inclinator, we zijn vol, we zijn af. De inclinator komt al

naar boven, dat is prettig. We stappen in samen met een Chinese familie met 2

jongetjes. En zoals al eerder vermeld, die kinderen mogen alles, die worden nooit

gecorrigeerd. Dus het oudste jongetje mag op de knop drukken en het jongste

jongetje wil ook, dus die drukt tig keer op alle knoppen en toen zat de lift vast. De

deuren aan de buitenkant zijn nu op een kiertje blijven hangen en de hele boel

staat op tilt. Daar staan we dan boven op de berg. We drukken op de alarmbel,

maar die doet het ook niet meer. Dus wachten tot de volgende passagiers naar

beneden willen. Uiteindelijk komt er iemand, die er iets van weet. Hij reset het

programma, maar de open deur blokkeert alles. Hij klimt door een luik naar buiten

en krijgt op die manier de boel aan de gang. Zal dat kleine Chineesje met zijn snelle

handjes, weer alle knoppen langs gaan, want het duurde hem te lang. Dit keer liet ik

even met flinke strot mijn ouderlijk gezag gelden, waarvan hij even schrok. En nu

gaat de lift keurig naar beneden. Pffff!


 


We hebben dorst, we hebben trek, dus we gaan verder naar beneden, we denken

slim te zijn door de trap met bedelaars te mijden en de asfaltweg te nemen, het

loopt wel makkelijk en ongestoord, maar hij zigzagt om de heuvel naar beneden.

Ach een kilometertje meer of minder kan ons niet meer deren.



Langs de weg staan kratten vol Buddha's te wachten tot ze aan de beurt zijn. Het

heeft wel iets van het sprookje van Hans en Grietje.


 


Tot onze verbazing zijn alle restaurantjes op de weg gesloten en ook de winkeltjes,

mijn tong is onderhand een leren lap. We wandelen door langs de weg naar waar we

denken dat er winkels zijn, maar het zijn allemaal autowerkplaatsen, autobanden,

accu's, nou de mijne is aan opladen toe. Intussen lopen we ook te speuren naar een

bushalte. We lopen verder en verder, niets te eten, niets te drinken, maar we zien

wel een bus staan, nou die pakken we dan maar meteen, want wie weet wanneer de

volgende komt. Zo zitten we eerst weer een uur in de bus, lekker rustig voor

Roderick, want ik kan mijn mond bijna niet meer open krijgen van de droogte. We

gaan er bij de Komtar uit, het hoogste gebouw van Georgetown, 65 verdiepingen,

goed te herkennen als orientatiepunt. Daar kopen we een fles water, er zijn wel wat

eetgelegenheden, maar die zien er zo ongezellig uit, dan lopen we liever door naar

Chinatown. Wat er aan de hand is weten we niet, maar ook hier zijn alle zaakjes

dicht. Dat is minder, want het wordt al schemerig en er zijn maar weinig mensen op

straat. We passeren een huis (open) waar 3 mannen aan het Mah Jongg spelen zijn,

Roderick vraagt of we even mogen kijken, omdat wij dat ook kunnen spelen, nou

dat vinden zij wel wat. We mogen ook wel meedoen, maar dat doen we beter niet.


   


We lopen verder door China town onderweg naar Little India, waarschijnlijk zijn daar

wel de zaakjes open. We passeren een tempel waar op straat grote vuurbakken

geblust worden, ook liggen er de overblijfselen van een rotjeswiel, dus waarschijnlijk

is er hier iets gevierd. Jammer we zijn duidelijk net een half uur te laat. Het

restaurant is open, maar er ligt een laag as op alle tafels, dus toch nog maar even

verder.



In Little India hebben we meer mazzel, we vinden een restaurant waar ze heerlijk

Chicken Vindaloo en Tandoori kunnen bereiden en de bus die we nodig hebben stopt

op de hoek van de straat, daardoor kunnen we op ons gemak eten, daar zijn we wel

aan toe. Dan wederom een uur met de bus en het laatste stukje naar de haven

lopen. Dan tollen we ons bed in.


Vrijdag, 30 januari 2015, Straitsquay Marina, Georgetown, Penang.


Weer even een dagje pas op de plaats, we voelen ons lijf wel na ons dagje van

gisteren. Wat hebben wij gelopen, geklommen en gekeken. Vandaag wordt het dus

even niks, alleen een wasje draaien, rondje fietsen voor het leuk en een

restaurantje opzoeken. Mooi dagje zo.


Zaterdag, 31 januari 2015, Straitsquay Marina en drakendansen.


Vanmiddag gaan we naar de stad om het kampioenschap drakendansen te gaan

zien. Dat wordt op straat gehouden bij het Komtargebouw, dat weten we wel te

vinden. Maar eerst gaan we het schip overhoop halen, we bedachten gisteravond,

dat het wel leuk zou zijn om ook ons schip te illumineren. We hebben nog ergens

een lange lichtslang aan boord, die we in de mast kunnen hijsen, waarmee we een

vorm van een zeil kunnen maken, alleen weten we niet of deze het nog doet. Wat

we wel weten is, dat hij helemaal weggestopt is in de voorpunt onder bed en dat we

daarvoor de zware binnenveringmatrassen en de lattenbodems weg moeten halen

(niet zo moeilijk, maar waar laat je ze), dan de bovenkant van de ombouw

weghalen en vervolgens de grote ruimte leeghalen, die volgestouwd is met

allerhande onderdelen, slangen, kabels en alles wat niet direct bij de hand moet

blijven. Je moet er wat voor over hebben. Maar we hebben hem en hij doet het. Nu

de hele handel weer terug, dan kunnen we vanavond ons bedje weer in. Tijd om

naar de bus te lopen, overal waar we in de stad willen zijn, is ongeveer een uur met

de bus. Als je steeds een andere lijn neemt, heb je intussen heel Georgetown wel

gezien. De bussen zijn schoon, hebben allemaal airconditioning en zijn

spotgoedkoop, het is leuk rondkijken zo. We zijn nog vroeg, er zijn nog stoelen op

het terras bij Starbucks, dus kunnen we vanaf ons plekje in de schaduw al het gedoe

vooraf gade slaan.


 


Het is een competitie tussen waarschijnlijk middelbare scholieren. Er wordt nog druk

geoefend, de draak wordt nog eens geborsteld, het materiaal wordt aangesleept,

iedere ploeg zijn eigen draak, eigen trommels, stellages om op te klimmen, noem

maar op.


 


Het duurt even voordat het allemaal echt een aanvang neemt, eerst moeten alle

officials en juryleden voorgesteld worden, er wordt heel wat afgekondigd en dat

allemaal in het Chinees. Dan kan de eerste groep beginnen. Allereerst moeten de

stellages goed geplaatst worden en wankelvrij, de genen die de draak vormen,

springen op en af de tafels, de bloempotten, de stoelleuningen om te kijken of het

allemaal stevig staat. Dan kan het echt beginnen, met een vlag komt de groep

aangehold, met hai en hoi geroep worden de juryleden begroet, dan komt de jury de

binnenkant van de draak inspecteren en dan gaat het los. De draak wordt gevormd

door 2 jongemannen, een potige voor het achterlijf en een soepele voor de

voorkant, die de muil, oren enz moet bedienen. Lopend staan ze beide met hun

bovenlijf in een rechte hoek, als de draak zich verheft, moet de achterste jongen de

voorste liften. Ze springen op tafels, klimmen via bloempotten op stoelen en aan het

eind moeten ze met de bek een bloem of iets anders van de grond oprapen en dat

op zo spectaculaire wijze mogelijk. Het ziet er gaaf uit.


  


 


We zien verschillende groepen, met allemaal een eigen kleur draak en eigen act,

maar er zit zoveel tijd tussen steeds, dat we het wel genoeg vinden.



Aan de overkant heeft Roderick een Indonesisch restaurantje gezien, dat hebben we

lang niet gehad, dus dat gaat het worden. Lekker!!!! We nemen nog een rit met de

Free Shuttle bus door het oude centrum, om te kijken waar binnenkort een Indiase

ceremonie plaats gaat vinden, die we willen bezoeken. Vanavond gaan we op Internet

wel opzoeken, wat het precies allemaal in houdt, daarmee blijven we lekker bezig. We

gaan terug naar de marina. De lichtslang mooi opgehesen, dat ziet er weer prima uit,

dat vinden de Japanse toeristen ook, in no time staan we al ik weet niet hoe vaak op

de foto.


 


Zondag, 01 februari 2015, Straitsquay Marina, Penang.


Voor het leuk zijn we nog 2 extra lampionnen wezen kopen, die hangen we in de

mast onder de eerste zaling. Het ziet er heel gaaf uit. We liggen direct met de boeg

naar de wandelpromenade en iedereen blijft staan kijken.


 


Er is echt geprobeerd om hier iets moois te maken, overal promenades, terrasjes,

mooie winkels, de steigerpalen hebben ze in de vorm van kleurpotloden gemaakt.


 


We zitten bijna de hele dag op Internet, we hebben zoveel te regelen en uit te

zoeken. De haven heeft Wifi en dat kunnen we aan boord redelijk goed ontvangen,

dus kunnen we alletwee tegelijk met een computer aan de slag. We zitten buiten in

de kuip en zien ineens een grote varaan langs komen zwemmen, wel anderhalve

meter lang, mooi in het zonnetje helaas geen camera bij de hand, die stond net

onder lading, Argghh. Hij zwemt met zijn handjes op zijn rug, zijn kop geheven

boven water en maakt met zijn staart een slangenbeweging voor de voortbeweging.

Een paar uur later spektakel van een heel andere orde, een helicopter komt heel

laag overvliegen, maakt een rondje en land recht achter ons op de pier.


 


We komen onze dagen wel door.


Maandag, 02 februari 2015, Straitsquay Marina, Georgetown.


Ik loop al 10 dagen met een paar kaarten in mijn tas om naar onze kinderen te

sturen, maar een postkantoor is wel erg moeilijk te vinden. We zijn al een paar keer

op zoek geweest, zaterdag lopen we ineens bij de Komtar langs een postkantoor,

dat is net 10 minuten geleden gesloten, die houden wel weekend. Shit!

Vandaag moet en zal ik het postkantoor vinden, wat ergens hier in de buurt moet

zitten. Dus pak ik mijn fiets, zeg mijn mannetje vaarwel en ga op zoek. We hebben

verschillende plattegronden, maar tussen het oude centrum van Georgetown en de

plaats waar wij ons bevinden is een stuk vermist en je weet nooit hoeveel precies.

Vandaag kom ik daar achter, best wel heel veel. Het postkantoor in de buurt is wel

echt ver weg. Maar onderweg kom ik wel langs een Indiase tempel, die ik nog niet

gezien had.


 


Na 5 kwartier in de hitte fietsen heb ik het postkantoor gevonden. Goed gedaan van

mezelf vind ik. Het is loeidruk, hier betalen de mensen nog de rekeningen contant bij

het postkantoor, ook bij de balie voor de postzegels is het stampvol. Via een andere

weg ga ik terug, ik ben op zoek naar de Burmese tempel, die moet hier ook ergens

zijn, die wil ik graag een andere keer bezoeken. Ook gevonden. (foutje, het is de

Thai Buddhistische tempel Wat Chaya Mangkalaram, die zocht ik ook nog)


 


Dan onderweg naar huis, wederom een uur fietsen. Het laatste stuk gaat lekker langs het water, via de Persiaran Gurney. In de verte zie je Straitsquay Marina.


 


3 uur later ben ik weer terug aan boord, de kaarten zijn onderweg, kinders.

Morgen gaan we naar het Thaipusamfestival, daar maak ik een nieuw hoofdstuk voor aan, daar gaan we weer verder.