Carriacou.


Vrijdag,20 mei 2011, van Union Island naar Carriacou, Hillsborough Bay.


Er staat een pittige wind en we hebben de golven  en de stroom dwars. Hard

werken dus, we zeilen met gereefde zeilen naar Carriacou, dit eiland behoort

bij Grenada. Het is een lekker tochtje. We gaan voor anker en dan moet

Roderick als eerste hier weer met alle papieren naar de douane en de

immigratie om ons weer te laten inklaren. Dus direct de dinghy weer te water

laten, motor erop enzovoort. Als we net geankerd hebben, verlaten we nooit

met zijn twee het schip, we willen eerst zeker weten dat we goed vast liggen.

Ik blijf dus aan boord.  Hierin zie je duidelijk het verschil met de huurboten, die

in dit gebied in groten getale rondvaren. Joekels van katamarans, vaak met 10

man aan boord. Die gooien het anker uit en binnen het half uur is iedereen van

boord en komt voorlopig niet meer terug.


  


Roderick spreekt de dinghy toe, dat hij braaf moet wachten tot hij terugkomt.

De wind draait een beetje raar en nu blijkt, dat we te dicht bij onze buurboot

komen te liggen. Zodra Roderick dus terugkomt, gaan we weer anker op en

een stuk verder op in de baai laten we weer opnieuw het anker zakken. Zo, dat

is beter.


Zaterdag, 21 mei 2011, Carriacou, Hillsborough Bay.


Tja en daar liggen we dan, weer op een prachtig plekje. Ontbijtje in de kuip.

De gastvlag van Grenada gehesen.


   


Daarna gaan we de stad in. Hillsborough is de hoofdstad, vanaf het water ziet

het er niet echt spectaculair uit, maar er zijn hier opvallend veel winkels met

huishoudelijke artikelen, ijzerwaren, supermarktjes en zowaar weer eens een

echt trottoir langs de weg. De meeste gebouwen zitten ook goed in de verf,

maar ook hier weer zomaar een bouwval of een afbraak ertussen. Je merkt

ook op deze eilanden dat de hurricanes echt wel hun sporen nalaten. Steigers

zijn weggeslagen, hele stukken kust weg gespoeld, gebouwen uit elkaar

gewaaid. Het kruis van de kerk hangt op half elf. Verder is er veel verval door

de zoute lucht en de verzengende hitte. Er is bijna niet tegen aan te schilderen.

Iedere open plaats wordt direct door  uitbundige plantengroei overwoekerd.


    


        


We lopen tot aan het eind van de straat, waar dan ook de stad direct afgelopen

is, vervolgens halen we wat boodschappen, er is een net overdekt marktje en

een prima supermarkt. Dan is het de hoogste tijd voor een koel drankje. In de

schaduw is het 34 graden.


  


Vanaf het terras kijken we op de steiger, waar net de ferry aangekomen is. De

meeste mensen hier dragen hun lasten op het hoofd. Op deze kleine eilanden

kent iedereen elkaar, dus als de passagiers van de boot afkomen is het een

gezoen en handen geschud van jewelste. Luidruchtig zijn ze hier wel.


Dan nog even naar ons  eigen bootje kijken.

  

  

  


In een klein lokaal tentje gaan we een roti kipcurry eten. Er staan 2 tafeltjes,

het zaakje is 3 bij 3 meter. De toonbank is leeg, de andere helft van de ruimte

is volgehangen met verkleurde DVD- en CD-hoesjes. Alles te koop, hartstikke

illegaal dus. Wil je andere muziek, geen probleem, dan kopieert hij dat wel

even. Er is druk aanloop.  

We gaan weer terug aan boord. Daar gebeurt net iets vreemds. Het waait flink

en de windgenerator stopt. Instinctief gaat Roderick direct buiten kijken en

ziet een dunne paarse draad aan het schip hangen. Hij trekt eraan en er

komen meters draad achteraan, er komt geen eind aan. Waar komt dat nou

vandaan? Hij heeft zeker al 30 meter binnengehaald, daar is het eind, maar

aan de andere kant zit hij nog vast. Krijg nou wat, hij zit in de windgenerator....

Er is een vliegertouw waarschijnlijk gebroken, dat is over ons schip heen

gewaaid, precies tussen de kop van de windgenerator  en het binnenwerk

gekomen, daardoor heeft die meters touw als een spoel opgewonden, terwijl

de vlieger het touw strak hield, onzichtbaar tussen de afdekkap en het

binnenwerk, maar op een gegeven moment werd de spoel te dik en is de

windmolen gestopt.

Wat een mazzel dat we er net bij zijn. Dit hadden we nooit kunnen bedenken.

Kortom de hele kop van de windmolen moet gedemonteerd worden ( en mag

dus zeker niet in zee vallen).


     


  


En dit kwam er dus tussenuit. De hele motor had er door kunnen verbranden,

als we dit niet gemerkt hadden. Maar nu doet hij het weer prima!


  


Zondag, 22 mei 2011, Sandy Island, Carriacou.


Eigenlijk zouden we vandaag naar Grenada vertrekken, maar de wind is niet

gunstig en boven Grenada heeft het vannacht de hele tijd gebliksemd. We

blijven gewoon nog een dagje hier, maar verhuizen een stukje verderop, daar

moet ook een leuke ankerplaats zijn, voor Sandy Island. Een half uurtje later

liggen we vast aan een mooring op een sprookjesachtige ankerplaats. Een

eilandje, eigenlijk meer een zandrichel, met het mooiste spierwitte koraalzand.


    


  


We gaan met de dinghy aan land, snorkelspullen mee. Het water is glashelder.

In het zand zien we allemaal sporen van schildpadden. Het bord is niet alleen

maar toeristisch bedoeld, er staan ook meteen de regels aangegeven, wat er

mag of juist niet mag. Het is een Marine Park, een beschermd natuurgebied.


     


   ]


Ik zie op de foto dat ik een aardig bruine rug gekregen heb, we zitten niet echt

in de zon, we hebben ook bijna altijd de zonnetent gespannen staan, maar we

leven natuurlijk wel de hele dag buiten. En veel kleren heb je echt niet aan bij

35 graden in de schaduw.

De zandbank loopt in een keer steil naar beneden, zo sta je tot je enkels in het

zand, zo is het anderhalve meter diep. Onder water liggen  koraalbrokken op

het witte gladde zand, overal kleine gekleurde visjes. De zon schijnt er vol op,

je hebt net het gevoel of je in een expositieruimte  vol sculpturen zwemt, een

soort beeldentuin met effecten. Wat een beeldschone plek is dit.


   


Dit was een dagje puur genieten.


Grenada, 12.02N, 061.45 W

Maandag, 23 mei 2011, van Sandy Island naar St George's, Grenada.


Om 7.00 uur gooien we van de mooring los, de geldophalers hebben we

gisteren net misgelopen, omdat we met onze kont in het water bij het eilandje

zaten. Wat jammer nou.... We moeten hoe dan ook vroeg vertrekken in

verband met de stroming en de wind. We moeten ongeveer 40 Nmijl varen

naar St Martins Bay, vlak voor St George's, de hoofdstad van Grenada.

Het is wederom een lekkere tocht, er vallen wat spatjes, maar merendeels is

het helder en de wind is tot een half uur voor de eindbestemming present

gebleven. Een grote groep bruine genten vliegt continue om ons heen, ze

komen tot vlakbij. Ze laten zich meevoeren in onze slipstream.



  


Er vliegen hele wolken vliegende vissen voor ons uit. Het verdere zeeleven

blijft voor ons verborgen. We passeren de rots, de Diamond Rock, die de

bijnaam heeft: "Kick 'em Jenny" dezelfde naam als de ernaast onder  de

zeespiegel gelegen vulkaan, die nog in 1990 een eruptie heeft gehad en nog

steeds blijkt te rommelen.  Vervolgens  passeren we  de "London Bridge" 20

meter hoog) en steken dan door de Whale Bay naar de westkant ( de

Caribische kant) van Grenada. Geen Whale gezien trouwens.


    


Het laatste uur doen we op de motor, de wind is helemaal weggevallen en de

stroom gaat tegen draaien, op zeil zouden we dan achteruit deinzen. Om 15.00

uur zijn we al ter hoogte van St. George's. De hoofdstad ligt rondom de haven'

de Carenage, gedrapeerd op de heuvels, gebouwen met 2 of 3 verdiepingen,

de bebouwing mag volgens de wet niet hoger zijn dan een kokospalm, in

allerlei pasteltinten. Oranje, roze, blauw, turquoise, allemaal met veranda's en

mooie daklijsten. Kerktorens in Engelse stijl en boven op de berg Fort George.

Het ziet er mooi uit. In St Martins Bay, op zee net buiten de havenkom, laten

we het anker zakken.


  


   


Ik ga even zwemmen en daarna gaat Roderick de wal op en installeer ik me

met een boek op de kuipbank, beetje last van de warmte.


Dinsdag, 24 mei 2011, St George's, Grenada.


Vandaag gaan we samen de wal op, we leggen de dinghy aan de steiger voor

de supermarkt Foodland, een moderne goed geoutilleerde supermarkt, daar

gaan we eerst binnen een kijkje nemen, we nemen niets mee, want er moet

nog flink gewandeld worden en het eten bederft in deze hitte, waar je bij staat.

Dan nemen we even een kijkje in de mooie nieuwe jachthaven, Port Louis, ziet

er prachtig uit, maar per nacht zijn we hier 40 USdollar kwijt en daar hebben

we toch niet zo'n zin in, daarbij liggen we buiten op zee heerlijk, kun je ieder

moment even het water in duiken, er is een hoop te zien, er waait een lekker

fris windje en je kunt er lekker ongegeneerd bijzitten in een oud hemdje of een

omgeknoopte pareo. Kortom een hoop meer vrijheid. Waarschijnlijk gaan we

aan het eind van de week wel een dagje haven doen. Dan eerst langs de

scheepswinkel Island Water World, niet alleen goed gesorteerd, maar ook

allervriendelijkst en behulpzaam. We gaan vervolgens naar de Carenage, het

om de haven gelegen centrum. Er is enorm veel verkeer, druk getoeter, de

mini- bussen toeteren naar ons of we niet mee willen, de taxi's roepen ons

door het raam toe, kortom het voelt echt als grote stad.


  


We vinden het VVV en gaan daar eens even praten, wat zoal de mogelijkheden

zijn, we willen een tour over het eiland maken, maar niet zelf rijden. Ze rijden

links, het is beredruk, ze rijden als gekken door de bochten op smalle

weggetjes. Dus hier kiezen we liever voor een begeleide tour. Dan hup, weer

verder, op zoek naar de tunnel onder het Fort door, naar het andere stadsdeel.

Bij een agent vragen we hulp, de tunnel is hier net om de hoek, maar hij geeft

nog een vrijblijvend advies: goed links blijven lopen in de tunnel, ook op de

terugweg. Okay. Daar aangekomen snap je het beter. De tunnel is anderhalve

auto breed, er is geen voetgangersgedeelte, iedereen raast gewoon voorbij.

Phoe! Hier zijn we in het echte winkelgedeelte aangekomen, bij een bakker

stappen we naar binnen en nemen een lekker stuk taart (ik natuurlijk) en een

Cinnamonroll, een kaneelbroodje voor Roderick. Beide zonder meer heerlijk.

We wandelen nog een stuk door en besluiten dan met een mini-bus terug te

gaan. Wij dus naar de Terminal, het busstation, eerst uitpuzzelen met welk

busje we mee kunnen, dan stap je in en blijft de bus net zolang wachten tot hij

vol is. Eerder vertrekt hij niet. Een lokale mevrouw vond het maar wat

griezelig naast die grote blanke man te zitten met die gouden krulharen op zijn

benen. Tja...

Een half uur later en 5 ECdollar (1,55 euro voor ons twee) staan we weer bij

de supermarkt, boodschappen doen en direct de dinghy in. Bekaf weer thuis.


     


Woensdag, 25 mei 2011, St Martins Bay, St George's, Grenada.


Voor mij is het was en poetsdag, Roderick gaat meteen vroeg naar Island

Waterworld, gisteren heeft hij van alles lopen op- en uitzoeken, thuis

nagemeten en vandaag gaat hij groot inkopen. Eindelijk de gasregulator

gevonden met een Europese aansluiting. De Amerikaanse maten verschillen

met de Europese maten. Verloopstukjes, nippeltjes, slang, dingetjes, Pilot voor

het Panamakanaal. Kortom we zijn weer een paar honderd US dollar lichter. Hij

had ook een ventilator voor in de slaapkamer aan boord meegebracht.

Heerlijk, ook al is de lucht 30 graden, door de beweging voelt het koeler. Het is

's nachts echt warm, ook al slapen we onder het wijdopen luik. Maar het ding

bromt, na 5 minuten irriteert het al verschrikkelijk. Die brengen we mooi terug,

dus nu hebben we meteen maar 2 dure gekocht. In de winkel hebben we ze

eerst allemaal aangezet, ze moeten niet alleen bijna geruisloos werken, maar

ook een 12 Volt aansluiting hebben, niet te groot zijn en ook nog veilig. Verder

hebben we nog een handig aluminium visknuppeltje gekocht, maat kleine

honkbalknuppel. Niet dat we op dit moment nog vissen proberen te vangen, ik

kan het niet over mijn hart verkrijgen, de vissen zijn hier zo mooi, maar als er

nu een onverlaat door ons openstaande luik probeert te komen, krijgt hij direct

een mep met mijn knuppeltje. Gisteren bij het snorkelen kwam ik in een school

terecht van misschien wel een miljoen vissen, met zwembaden vol kwamen ze

boven, onder en langs me heen. Vandaag hebben de vissers ze ook ontdekt.

We hoorden een hoop geschreeuw, recht voor ons schip, een paar locals met

duikbrillen en zwemvliezen, aanwijzingen roepend, onderduikend, weer

schreeuwen. Toen kwam de visboot aangepeddeld, werkelijk of de duivel hen

op de hielen zat, razendsnel een ronde peddelen en tegelijkertijd het net laten

zakken, een cirkel met zeker een doorsnede van 30 meter. De baas bleef maar

onder duiken en bevelen schreeuwen. Wij zaten eerste rang. Vervolgens moest

het net aangetrokken worden en kwamen er steeds meer hulptroepen. Met 10

man bijna 3 uur hard knokken en al die tijd bleef de baas in zijn zwembroek in

het water, duikend, roepend en regelend. Hard werken voor de kost.  


    


  


  


Donderdag, 26 mei 2011, Grenada Yacht Club, St George's.


Vandaag zijn we naar de Yacht Club gevaren, we liggen daar met de achterkant

tegen de steiger, de voorkant aan een mooring. Het aanleggen ging niet simpel,

we kregen toch een puist zijwind en werden daardoor tegen de buurboot, een

hagelnieuwe Franse Jeanneau, geblazen. Gelukkig kon ik ons schip met behulp

van de Franse buurman nog net afhouden en een paar extra stootwillen

ertussen wurmen. Er is dus niets gebeurd. Maar de mooring konden we op deze

manier niet oppikken, dus Roderick in de dinghy langs de boot naar voren, het

waaide zo hard, hij kwam er haast niet tegenin, lijn doorhalen en op ons schip

beleggen, zo strak mogelijk, anders waaien we alsnog tegen de buurboot. Dat

was even zweten.

Dan wandelt hij naar het VVV om voor ons de tour over het eiland te bestellen

voor morgen, we zijn dan de hele dag onderweg, daarom hebben we liever ons

schip in een haven liggen in plaats van op het anker. 's Middags gaat hij weer

aan het zwoegen op de gasaansluiting en ja hoor, 1 onderdeel past niet. Hij

weer naar de winkel, met z'n allen de hele winkel afgezocht, Nee ze hebben het

toch niet. Dan de oude aansluiting maar demonteren en dat nippeltje over-

zetten. Het zit berevast. De tang waarmee hij hem los probeert te krijgen

schiet los en hij heeft een grote bloedende jaap in zijn hand. Maar uiteindelijk kunnen we weer koken. Verder is hij uitgevloerd. We gaan nog even  douchen

en een drankje halen in de Yachtclub bar, dan kunnen we meteen het Internet

daar gebruiken. We halen de email op en willen dan de website uploaden.

Waaraan het ligt weten we niet, maar het duurde bijna 2 uur voordat het klaar

was. Roderick kon zijn ogen bijna niet openhouden. Snel wat te eten gemaakt,

kidney bonen met Sloppy Joe sauce en dan duikt hij alvast in zijn mandje, het

is tenslotte al 5 over 8. Hij snurkt meteen.


Vrijdag, 27 mei 2011, Grenada Island tour.


Om 8.30 uur staat de taxi voor met onze gids. We gaan alleen met z'n twee,

dat is wel duur, maar ook wel heel plezierig. Onze gids heet Allistair en we

hebben het erg met hem getroffen, hij is onderhoudend en vertelt veel

interessante weetjes. Om te beginnen gaan we vanaf St George's langs de

Oostkust, de Caribische kant, naar het Noorden. We gaan direct de hoogte in en

hebben vanaf Cemetery Hill, een berg van onder tot boven vol graftomben, een

prachtig uitzicht op de haven, de Carenage, van St Georges.


    


  


Grenada is,  net als de andere eilanden hier, van oorsprong een vulkanisch

eiland. De grote binnenhaven is dus eigenlijk de volgelopen krater.

We rijden van het ene mooie uitzicht naar het andere. Schitterende baaien.

Volgens de gids heeft Columbus gelogen, dat hij Grenada ontdekt heeft, want

voor hem waren al de Piraten gearriveerd, die zich in deze baai , Halifax

Harbour, zo mooi konden verschuilen. Volgende stop: de originele

rotstekeningen (Petroglyphen) van de Carib-indianen, de oorsponkelijke

bewoners.


Halifax Harbour                                        Carib Petroglyphs

  


Het is hier weer groen, groener, groenst. Volgende stop de Concord Falls.


  


We kunnen over een trap helemaal naar beneden lopen, naar het bassin waar

de waterval in uitkomt. We zijn helemaal alleen, ik voel me hier net als Adam

en Eva in het Paradijs. Wat een mooie plek.


  


  


  


En verder gaan we weer, nog steeds naar het Noorden naar Dougaldston

Estate, een oude plantage, waar we van alles te horen kregen over specerijen,

voornamelijk nootmuskaat, een belangrijk exportproduct van Grenada. Er was

net een schoolklas op excursie en wij, dus we konden gelijk met hen de les

volgen. Nootmuskaat groeit aan de boom, heeft een dikke gele schil, de vrucht

is zo groot als een pruim. Als de schil openbarst mogen ze pas geplukt worden.

Van de buitenschil maken ze Nutmegoil, een soortement wonderolie en jam,

het vlies om de noot wordt voorzichtig afgepeld, dat wordt foelie (mace), de

noot zelf moet 6 weken drogen, niet in de zon anders verliest hij zijn geur en

smaak.                                                

                                                      nootmuskaat met foelie , cacaoboon

  


Volgende lesonderdeel: de Cacao boon. Deze groeit ook aan een boom, is zeker

20 cm groot. Binnenin zitten de witte cacaozaden, de zaden worden 8 dagen

gefermenteerd, dan gewassen, 5 dagen in de zon gedroogd, daarna

geroosterd, vervolgens gemalen, resultaat: cacao.


cacaoboom                                                cacaoboon

  


Weer verder via Gouyave en Victoria naar Carib's Leap, waar de laatste Caribs

zich van de klif in zee gestort hebben om uit handen van hun overweldigers, de

Arawaks, te blijven. Uitstappen, kijken, rondje lopen en hup weer de auto in.

Nu gaan we verder langs de Atlantische Kust, de westkant, naar de River

Antoine Rum Distillery. Een rum distilleerderij uit 1785 met het oudste nog

werkende waterrad. Ook hier wordt weer een rondleiding voor ons geregeld.

Het is gaaf om te zien, dat het allemaal nog werkt, maar het is hier wel een

meuk. De fermenteerbassins geven een lucht af, dat je je in een veehouderij

waant. Daarna nog de diverse soorten rum proeven. Hm, we zijn beter

gewend, dus we hebben niets gekocht.


   


Verder maar weer, langs de kust. In een dorpje een megagrote graffiti van

voormalige premiers, met als hoofdfiguur de geexecuteerde Maurice Bishop,

een soortement rebellenleider, die nog steeds hoog in aanzien staat.


  


En dan eindelijk op weg naar een restaurant voor de lunch. Alistair heeft deze

al van te voren besproken. We rijden nog een stukje over een vervallen

startbaan met middenop een koe, er staan in het weiland ook nog 2 totaal

vergane vliegtuigen.


  


Dan komen we in het restaurant, niet in foto's of woorden uit te drukken. Zo'n

speciale sfeer, ik had echt het gevoel van: Hier hoor ik thuis. Heel bijzonder.

In Caribische stijl, oud hout, balustrade van geschilde boompjes; bomen,

planten en vijver in het zitgedeeltje, pluche bankstel, koele zeebries door de

eetzaal en uitzicht op de Atlantische Oceaan.

                                                       Het Estuary Restaurant.

  


  


We gaan eerst buiten kijken. Er mondt hier een rivier uit in de Oceaan. Op de

kust in een dikke laag wier aangespoeld. Toen wij vanaf Carriacou hier naar toe

zeilden, waren wij ook al verbaasd over de immense velden helgele zeewier,

waar we doorheen gingen. Ook voor de lokale bewoners is dit een onbekend

verschijnsel. Eenmaal op de kust aangespoeld, verkleurt het snel bruin door de

zon. We zien mensen met grote balen op hun rug er mee weglopen.


  


  


We worden binnen geroepen, want ons eten staat klaar. Verrassing, er is

gedekt met mooi tafellinnen, de glazen zijn gepoetst en een geurende hete

pompoensoep wordt opgediend. Hij smaakt heerlijk. Dan komt er als

hoofdgerecht: kippebouten in het tomaten-paddestoelen saus, gebakken

broodvrucht, zoete aardappelsalade, rijst, gemengde groenten,

tomaten-papaya salade en nog een schaal mahi mahi, vergezeld van een glas

passievruchten limonade. Alles perfect klaargemaakt, heerlijk van smaak en

prachtig opgediend. Tot slot nog een toetje van passievruchtenijs met papaya

en stervrucht met wat verse chocolade erover. Dit kan ik lang vol houden, wat

een feesteten. We kunnen nog even langs de kust onze benen strekken en dan

moeten we weer verder. We gaan nu over smalle steile weggetjes over de

bergen, langs diepe dalen, dwars door het regenwoud.


  


Het valt niet mee om hier te rijden, gelukkig is Alistair een prima chauffeur.

Hij laat ons ook de schade zien die hurricane Emily aangericht heeft in het

woud. Als je goed op de foto kijkt, zie je dat op de berg de kruinen uit de

bomen gewaaid zijn, er staan alleen maar staken. Ook zijn er hele stukken

berg weggeslagen. De hurricane Ivan heeft in een ander gebied veel schade

aangericht. Hele scholen weggevaagd, kerken zijn half ingestort, wegen

vernield, kust weggeslagen. Overal zijn ze druk met de herbouw bezig, op de

aannemers borden kun je precies lezen wat ze aan het doen zijn. Bijvoorbeeld:

Restauratie schade, veroorzaakt door hurricane Emily, prioriteit 1, van de

lagere school in Birch.


schade door hurricane Emily

  


We zitten echt te genieten, van tijd tot tijd stopt Alistair, springt de auto uit,

om wat mango's voor me te verzamelen, die langs de weg liggen. Ook hier

staan weer overal fruitbomen, dan gaat hij op zoek om een rijpe cashewnoot

van de boom te plukken, dan komt hij weer met een papaya aanzetten.

Helemaal moe van alle indrukken komen we weer bij de haven terug. We

inviteren Allistair op een drankje aan boord, wat voor hem weer speciaal is.

We hebben een prima dag gehad. Grenada is een prachtig eiland.


     


Bananenbloem

     



Zaterdag, 28 mei 2011, Grenada Yacht Club, St. George's, Grenada.


We hadden plannen, maar daar is helemaal niets van terecht gekomen.

Vanmiddag kwamen Nina en Lennert van de Rosemary gezellig langs en daarna

hadden we gewoon geen zin meer om iets te doen. Morgen weer een dag.


Zondag, 29 mei 2011, van St George's naar Prickly Bay, Grenada.


Vanochtend vertrokken uit de marina van de Grenada Yacht Club. Bij het

wegvaren kregen we hulp van de dockmaster en onze hanige (edoch

vriendelijke) Franse buurman, hetgeen niet zo goed werkte, zij kennen ons

schip niet en gooien los, wanneer het niet de bedoeling is, vervolgens beginnen

ze dan luid te roepen: Use the thrustle. Allereerst wisten we niet wat ze nu

bedoelden, ten tweede hebben we zo'n ding niet. Het is namelijk een

boegschroef. We zijn toch zonder kleerscheuren weggevaren en dan op weg

naar Prickly Bay, 10 Nmijl verderop aan de zuidkant van Grenada. We hadden

daar erg leuke berichten over gehoord. Na een superlekkere zeiltocht van 2

uurtjes zijn we er al. Het is een heel diep in het land stekende baai, tjokvol

schepen voor anker. We vinden nog best een lekker plekje, maar de golven

stonden recht de baai in en we lagen te steigeren als een oud paard. Vanaf de

eerste minuut rolden we van links naar rechts en sprongen we af en toe van

voor naar achter. Dit bleef ook tijdens de nacht zo. Niet zo leuk dus. De

volgende ochtend om 7.00 uur zijn we gewoon direct weer teruggevaren naar

de ankerplaats bij St. George's.


Maandag, 30 mei 2011, van Prickly Bay naar St. George's, Grenada.


Na wederom een heerlijk tochtje van 2 uur, zijn we weer terug bij St. George's,

waar we weliswaar gewoon op zee liggen, maar heerlijk rustig met veel ruimte.

Dus ankeren, even snorkelen, dan een boekje lezen in het zonnetje. We willen

even wat energie sparen, omdat we woensdag naar Bonaire vertrekken, dat is

4 dagen en nachten doorvaren. Er was onderweg nog een leuk incident. Op het

moment dat wij langs de start/landingsbaan zeilden, zette net een vliegtuig de

landing in, hij kwam wel erg laag over en moest een bochtje maken om onze

mast. Heel spectaculair. 's Middags zet Roderick me aan de wal af en ga ik

in mijn eentje de stad onveilig maken. Het is hartstikke druk. Er is een straat

waar ze alleen maar illegaal gecopieerde films en CD's verkopen. 1 DVD voor 5

EC dollar (ongeveer 1,60 euro), 4 DVD's voor 15 EC dollar. De wanden hangen

helemaal volgeplakt.


 


Ik heb een flinke tippel gemaakt door alle schuine, nauwe straten. Winkeltje in

winkeltje uit. Op de markt spreekt iedereen je aan. Ze willen natuurlijk allemaal

verkopen, dus beginnen ze met zich voor te stellen en vragen hoe ik heet, dan

allemaal vriendelijk beleefde vragen,  dan komen ze met al hun waren

aanzetten, vervolgens moet ik dan weer proberen er op een beetje fatsoenlijke

manier weer vanaf te komen. Leuk en vermoeiend. Grenada staat bekend als het specerijen eiland. Er worden overal kruiden en specerijen verkocht, maar

ze doen vooral veel met nootmuskaat, waar het eiland beroemd om is.

Met de geweldige score van 2 Cinnamon Rolls (kaneelbroodjes) ga ik busje

nummer 1 opzoeken en wordt ik voor de ingang van de jachthaven afgezet.


   


Met Roderick heb ik afgesproken om mij om 17.00 uur te treffen bij de bar van

de Yachtclub, om daarna met de dinghy weer naar het schip terug te varen.


    

Er komt net een enorme bui aanzetten, even wachten dus. Terwijl wij nog

droog aan de bar staan, komen Lennart en Nina aanvaren met hun dinghy. Zij

zijn volkomen doorweekt.


  


Dinsdag, 31 mei 2011, St. George's, Grenada.


Aanvankelijk wilden we vandaag al vertrekken naar Bonaire, maar toen we de

weersverwachting nog eens goed bekeken, besloten we nog maar een dagje te

wachten en dat was maar goed ook. De hele dag tropische plensbuien. tussen

de buien door naar de wal, 2 laptops mee gewikkeld in extra vuilniszakken,

eerst langs de douane, even langs Nina en Lennart, die met ons mee opvaren

naar Bonaire, In de bar van de Yachtclub installeren we ons met onze

computers, we moeten een en ander uitzoeken over visa, cruising permits

enzovoort, dan langs de supermarkt om onze EC dollars op te maken  en dat

zijn er nogal wat. Terug aan boord alle extra voorraden weer wegstouwen en

dan is de dag al weer bijna om.




Woensdag, 01 juni 2011, van St. Georges, Grenada naar Bonaire. Het waait nog met harde vlagen, maar in de loop van de dag zou dit gaan afnemen, we moeten in principe 3,5 dagen en nachten varen, dus vertrekken we om 16.00 uur, waardoor we ruimte hebben om op de vierde dag bij daglicht Bonaire aan te lopen. We gaan bovenlangs de Venezolaanse eilanden, ongeveer op  de breedte van12 graden 20 minuten en dan al maar rechtuit (zo mogelijk) naar het westen. Verder hebben we ons totale plan omgegooid. We blijven maar kort in Bonaire en varen vrijwel direct door naar Curacao. Daar willen we het schip op de kant zetten, dat is in Bonaire niet mogelijk, in die tijd gaan wij 3 weken naar Nederland, de familie en vrienden bezoeken, nieuwe paspoorten regelen enzovoort. Vanaf half juni tot en met de eerste week van juli hebben we dit gepland. Aangezien we zelf geen huis meer hebben, graag aanbiedingen voor een plekkie om te slapen. Voorlopig is dit weer ons laatste berichtje tot dat we in Bonaire gearriveerd zijn. Tot dan.