Vaarvakantie naar Noorwegen, april/ mei 2007

 

 

Na donderdag voor de sneak afscheid van iedereen te

hebben genomen, gaan we lekker weg.

Morgen op vrijdag de 13e begint onze vakantie.

Met onze zeilboot naar Noorwegen.

We hebben ons de laatste weken sufgewerkt om alles

goed voor te bereiden en zijn doodmoe.

Het personeel gaat de tent verder draaien voor ons.

Roderick is de laatste tijd tussendoor nog aan boord

wezen klussen, Led verlichting, kookband,

veiligheidsklemmen, Epirb enzovoort. Donderdagnacht

alle kleding en restspullen inpakken. Vrijdag 7 uur op,

auto inladen, propvol, naar de apotheek, die mijn

geneesmiddel niet wilde geven, nu natuurlijk wel.

Dan naar de bank, die gaan midden in onze vakantie

onze creditcards verwisselen; we hadden net nieuwe,

de oude vervalt dan echter, hoi! Nog een laatste stop bij

Albert Heijn en dan gaan we gewoon.

 
 

Het is stralend mooi weer, voor we alles aan boord

gebracht hebben zijn we 2 uur verder.

Het hoogstnoodzakelijke pakken we uit,

de rest proppen we zeevast op het bed, dat ruimen we 

vanavond  wel op en dan gooien we los voor Stavoren.

Een superlekker tochtje, makkelijk varen, zonnetje, heerlijk!

Om de dag nog makkelijker te maken verleid ik Roderick tot

een wandelingetje naar de friteskraam op de brug bij de

haven van Stavoren. Die sukkels hadden natuurlijk net het

vet uitgezet, maar nu heb ik pas echt zin in frites. Dus  de

hele stad door voor 2 zakjes frites. Daar opgegeten, meteen

weer terug, maar oh, wat hebben we een moeie voeten!!!

Bekaf zijn we. We maken nog even de planning voor de trip

van morgen naar Vlieland en gaan dan gaan we naar ons

mandje, ik pak de rest wel in Vlieland uit. Nou dat valt vies

tegen, we moeten 2 uur voor hoogwater Harlingen over de

Boontjes, anders lopen we vast. Hoogwater Harlingen is om

7,00 uur ’s ochtends of 19.30 ’s avonds. 2 uur varen naar

Kornwerd, 1 uur extra want de brug bij de sluis wordt

gerepareerd en dan nog 1 uur  naar het begin van de

Boontjes. Weet je wat we stoppen wel in Harlingen,

kunnen we om 12.00 uur weg, maken we een lekker kort

tochtje, ga ik dan even uitpakken….

De waterstand in de Boontjes hadden we prima uitgerekend,

maar net op het ondiepste en smalste stuk haalt een

party-ship ons in en zuigt onze laatste 10 centimeter

water weg.

De dieptemeter stond op 0, een tikje zenuwachtig,

maar verder geen probleem, poeh!!

 
 

Eenmaal buitengaats is het zulk prachtig zonnig weer,

zonde om dat te gebruiken om de boot in te ruimen,

we gaan dus toch maar meteen door naar Vlieland en

rollen daar bekaf in ons bed. De volgende ochtend gaat

Roderick bij de havenmeester betalen, en werd al meteen

begroet met: Goedemorgen meneer van der Meulen.

Slimme man, hij heeft allang gezien dat er een boot ligt die

nog moet betalen, en wij staan al met de Happy Bird in

het systeem. Maar toch heel leuk. Zondag in Vlieland

gebleven, uitgepakt en ingeruimd, jawel, maar ook even

over hetg eiland fietsen, kraaien voeren, kijken hoe de

Waddenzee leegstroomt, voelen of het water nog erg

koud is….mijn tenen gingen nog wel, bij mijn enkels vroren

mijn voeten eraf.

 
 

Planning voor de trip naar Noorwegen gemaakt,

daar zijn we wel een paar uurtjes zoet mee,

WiFi kaart gekocht om op Internet de weerkaarten op te

halen. Dat klinkt makkelijk maar was het niet.

De vermoeidheid gaat ons duidelijk parten spelen,

we zijn beiden iets minder goedgehumeurd als anders,

en zijn tig tijd bezig om Internet aan de praat te krijgen.

 

Het wordt redelijk mooi weer, maar op dinsdagnacht krijgen

we op volle zee een front over ons heen, daarna weer goed

weer. Behoorlijk veel wind, recht tegen. Om 23.00 uur

nieuwe kaarten opgevraagd, het front is er nog, maar niet

meer zo indrukwekkend, vanaf donderdag slaat het

weer helemaal om. We gaan dus gewoon, Stoere Hollanders,

( hier kom ik later nog wel op terug).

Maandag vertrek Vlieland, 9,30 uur, we zijn er helemaal

klaar voor. Helder zonnig, wel koud natuurlijk, eerst naar

de uiterton, stuurboord uit om de Shippinglane (VSS =

Verkeers Scheidings Systeem, voorrangsweg voor grote

schepen met gescheiden vaarbanen en een middenberm,

zie je alleen op de kaart) over te steken, dat moet haaks

gebeuren. In totaal is deze baan wel 10 nautische mijl

(Nm = 1,861 km) breed, goed opletten dus, koers houden,

voorrang verlenen, keurig! We kunnen het wel.

 
 

Dan verder naar het 2e VSS en nog een keer dezelfde truc.

Daarna volop zeil, Roderick zeilt verder, ik ga een paar uur

naar bed. Om 16.00 uur neem ik over en gaat Roderick

slapen.

 

De zee is hier een stuk onstuimiger, hoge steile golven,

wind tegen stroom, de boot stampt, rolt en springt.

Heel onaangenaam zeilen.

We willen 0° gaan varen maar door de harde wind en de

hoge golven gaan we steeds meer richting Duitse

Wadden.’s Nachts gaat het nog harder waaien, windstoten,

nog veel hogere golven. We zetten de motor bij en met een

klein ingerold grootzeil stuiven we door de nacht.

 

Door het knobbelige water en het springen van de boot 

vallen en stoten we heel wat af.   Mijn eerste grote blauwe

plek opgelopen van de trip. ( 3 dagen verder heb ik er zoveel

dat de Tattoo-shop er geen kruisje meer tussen kan zetten.

Door het heen en weer gerag word ik zelfs een beetje zeeziek.

Roderick begint met de nacht wachtdienst, dan kan ik nog

even slapen. ’s Nachts wordt het wat rustiger, Sterren,

hoge brekende golven, prachtig en koud. Om een uur of

4 neem ik het weer over, Roderick gaat slapen, en ik zie

de zon opkomen, een prima start voor een fantastische

zeildag (dinsdag), wel erg ruig. Superhelder, wind, golven,

lege zee, alleen nog steeds de wind pal uit het noorden.

Stuk opgekruist naar het westen, zodat we weer beter bij

onze uitgangspositie komen.

 

 

En toen werd het nacht  en wel de ellendigste nacht uit ons

hele bootbestaan. De verwachte depressie kwam, en hoe!

Niks afgezwakt, integendeel!Bij de passage van een

warmtefront komt al wat wind en de zee was al wat

opgefokt, toen kwam het koufront met zijn windvlagen,

regen, storm. De golven hadden het aanzien van het

duingebied in Zandvoort. Zo’n 4/5 meter hoog en af en

toe een gestapelde van 8 meter hoog. Pikdonker, ijskoud,

gierende wind met uitschieters van veelal 8 Beaufort,

maar ook veel 9 Beaufort. Weer de truc toegepast van een

klein grootzeil voor de stabiliteit, een klein puntje fok en

de motor bij om het schip in bedwang te houden. De

golven beklimmen elkaar, dan groeien er krullende

uitsteeksels op ( zoals in tekenfilms) en dan gaan die

kammetjes haasje over spelen. De tegenliggende stroom

houdt de windgolven dus tegen en een deel springt weg.

De golven komen niet allemaal van dezelfde kant. Je hebt

af en toe een muur van water voor je, het schip klimt erop

en er gebeurt niets. De volgende golf pakt je op en laat je

met een smak  in het golfdal vallen, dan komt het schip

met een geweldige knal weer op het water, soms dan

ook nog op de zijkant, dat is wel eng. Er komt zoveel

geweld aan te pas. We hebben een super de luxe

reddingsvlot, epirb enz, maar in deze heksenketel zou

het ons niet veel geholpen hebben. Als je nu overboord

slaat, ga je gewoon dood. Daar moet je niet te lang bij

stilstaan, even de bibbers en dan weer doorgaan. Het

hele avontuur staat en valt met vertrouwen. Vertrouwen

in het schip, in jezelf en in de ander. We ploeteren dus

gewoon door. Honderden golven slaan over de kajuit, af

en toe een hele ruige, die komt vanaf de voorpunt over

het hele schip heen, over de buiskap in de kuip. Tonnen

water tegelijk. Een aantal heeft het echt op Roderick

gemunt, die heeft heel wat koude kletsen over zich heen

gehad.

 
 

We zijn bekaf, doodmoe van de inspanning, kunnen binnen

niet op onze benen blijven staan. Zit je aan de lage kant,

wordt het schip weer opgenomen, word je weer gelanceerd

naar de andere kant. We zijn echt bont en blauw. Buiten

zijn we uiteraard continue aangelijnd, zelfs dan maak je af

en toe nog een doodsmak. We proberen elkaar af te lossen,

soms is de een nog wat fitter (of dooier), soms de ander.

Maar aflossen heeft ook consequenties,  al je natte plunje

uit en dan op een dolgeworden stampend schip nieuwe

spullen over je natte klamme lijf zien aan te trekken.

Dat is heel wat, want het is maar net boven het vriespunt,

we zitten buiten, nat en moe.

Wat trek je dan zoal aan? Voor mezelf: een degelijke

onderbroek, daarboven een T-shirt, dan een thermo lange

onderbroek, daarboven een shirt met lange mouw, dan een

stretchbroek, daarboven een bioscoop sweater, dan een

dikke zeilbroek met bovenstuk met banden, daarover een

dikke trui, dan je zeiljack. Daarover heen natuurlijk nog je

reddingsvest en een paar lifelines met haken. Als je omvalt

in het middenpad van de boot, kun je nauwelijks

overeindkomen. Mag je even rusten, dan houd je alles op je

jack en reddingsvest na, kruip je op het kleine dinette bankje

om stand-by te zijn en wat te slapen.  Door de woelige

golven zie je niets, herken je niets, loop je voortdurend

te speuren naar andere schepen, zodat we niet overvaren

worden. Bij zoveel golven zie je ons niet op de radar en

daarbij verwacht niemand een kleine zeilboot bij dit weer

op deze plaats. Het is nacht, sterren, witte schuimkoppen,

je weet niet of je het toplicht van een schip ziet, een lage

ster of oplichtend schuim. Je bent zo ingespannen aan het

turen, dat je er van gaat hallucineren. Op een gegeven

moment zat mijn bril zo met zout dat alles reflecteert en

vertekent, dat ik dacht  dat ons zeil gescheurd was. Ja, daar

schrik ik toch wel van, Roderick wakker gemaakt, (zeiljack

aan, reddingvest,etc) slaapdronken…niks aan de hand. Tijd

voor aflossing dus.

Om een uur of twee kwam Roderick even uitblazen, daar had

een golf op zitten loeren, zodra Roderick het luik openschoof,

greep golf die zijn kans; recht door het luik naar binnen.

We stonden niet echt te juichen, maar de pret was nog

niet voorbij….alles krijgt dus enorm op z’n lazer, dus het

lekt wat,  je komt met drijfnatte zooi binnen, overal is het

nat. Roderick gaat nog even voorin kijken, daar was ik net

geweest, en meldt dat het daar zo lekt. Trekt de deur van

de douche open en er komen 6 emmers water tegelijk

de slaapcabine in. Wat is er gebeurd? Natuurlijk hebben we

alle afsluiters van de afvoerleidingen dicht staan, maar door

de klap zijn de natte handdoeken tegen de hendel van de

kraan geslagen en hebben deze aangezet. Die stond dus

voluit te stromen en het water kon niet weg. Driewerf

hoera! Maar Bart jouw bed is nog helemaal droog!

 

Gelukkig wordt het ook weer ochtend, woensdagochtend,

we zitten nog steeds midden op de Noordzee, de zee spookt

nog steeds, de golven zijn nu merendeels 7/8 meter hoog,

maar het is helder, dat scheelt. We moeten nu onze planning

eens heroverwegen, De wind zit nog steeds pal tegen.

Noorwegen wordt dus weer een dag en een nacht,

we zijn al erg moe. We nemen een verstandig besluit:

stuurboord uit naar Denemarken. We hebben hier niet veel

informatie over, maar we redden ons wel. 

Eigenlijk wordt dit een spectaculaire zeildag.

 

We zetten dus koers naar Thyborøn in de Limfjord in

Denemarken, daar kunnen we pas tegen de nacht aan-komen.

De aanvaarroute is lastig, het waait nog als een gek en er

liggen ondieptes voor de kust. Er wordt ook afgeraden met

deze wind hier binnen te lopen, maar veel keus hebben we

niet. De zee sleurt ons alle kanten op, maar gelukkig goed

gelukt. Middernacht.

Schip afgemeerd, klus geklaard!

Tijd voor koffie!

 

 

En zo zijn we dan donderdag, 19 april 2007, in de kop

van Jutland, Jylland, zoals de Denen zeggen. Lekker

geslapen, spierpijn in spieren, waar je het bestaan niet

van wist. Kacheltje aan, natte bende verzamelen, alles

uithangen enz. We liggen tussen de vissers, de

havenmeester is zeilen, alles is verder gesloten.

We starten onze eigen puzzletocht. Hoort Denemarken

bij de EU? Waarmee betalen ze? Hoeveel is die

Deense Kroon eigenlijk waard? Bank gevonden,

bakker gevonden.

Plaatje van een beeldschone “schelpenkerk” gezien,

die gaan we maar eens zoeken. Gevonden! Nou

Zandvoort-familie nog even doorzoeken en plakken!

Het “Schneglehuset”

 
 

 

 

De storm wordt steeds heviger, windkracht 9 B met

uitschieters van 10B!!!! Je kunt bijna niet op je benen

blijven staan. We worden gezandstraald. Goed dat we

hier liggen.

Toevallig ligt er in de haven eenzelfde schip als het onze.

Dat is echt een unicum. We maken kennis met de Noorse

eigenaar, die alle bewondering heeft voor R’s Ledverlichting

en verder van alles wil weten over de andere aanpassingen.

Gezellig mee zitten praten. Hij is ook onderweg naar

Noorwegen. We bieden hem en z’n maat wat te drinken aan,

en hij vraagt meteen om jenever,,,,maar wij zijn die

Hollanders van de koffie…

 

 

 

Ze verkopen hier super lekkere broodjes, voor zo’n €6,50

Daar kun je een maaltijd meedoen.

Alleen daarvoor wil ik nog wel eens terug

 

Met garnalen, hamburgers,

 

Stuk voor stuk

 

 

Heerlijk!!!!

 

 

De weersverwachting wordt beter, zaterdag vertrekken we

voor een dag en een nacht zeilen naar Stavanger. 5/6 B

zuidoost/zuidwest. Prima dus.

Okay, dat viel dus vies tegen,  eerst geen wind, maar vanaf

8 uur ’s avonds extra stormwaarschuwingen voor alle3 de

regio’s waar wij doorheem moesten. Shit. Weer 8 Bf.

We slaan ons er goed doorheen, om half vijf ’s ochtends

los ik Roderick af. Op een gegeven moment maakt het schip

een enorme schuiver, R komt controleren of ik okay ben en

valt vervolgens met een enorme klap op zijn rug tegen het

aanrecht. Hij heeft verschrikkelijk veel pijn. Ik kan alleen

even bij hem kijken, hij blijft versuft liggen en kreunt van

pijn en schrik. Hij probeert op de bank te komen en dat

lukt gelukkig. De adrenaline giert door mijn lijf. Ik zal hem

toch veilig bij een dokter krijgen! We moeten nog uren varen,

hij sukkelt een beetje in slaap. Na 3 uur kunnen we op de

kust afkoersen naar Egersund.

 
 

Dwars op de golven, en dan spreek ik van echte golven,

op 3 Nm afstand kun je de kust nog niet zien. We moeten

heel precies aanlopen, want er zijn hier honderden

rotseilandjes, net boven/ onder water. Roderick heeft

onderhand de aanloop bestudeerd en loodst me er

doorheen. Uiteindelijk komen we in de smalle passage

van de fjord terecht. Een oase van rust.

Afmeren, Roderick wil niet naar een dokter, dus eerst maar

eens een paar uur slapen.

Gelukkig is het goed met hem afgelopen, beurs en pijn,

maar verder niets ernstigs.

 

 

Rustig dagje gehouden, Wat boodschappen gedaan.

Noors is een taal waar je echt niets mee kunt, alleen

als je fonetisch leest, kun je er nog iets uit opmaken.

In de bibliotheek kun je van internet gebruik maken,

Maar dat kan dan alleen weer via hotmail. Mirella gebeld,

die heeft voor ons een account aangevraagd, zo kunnen

we toch nog mailen. Ook deze haven is nog niet in gebruik.

Het seizoen begint pas in mei. Ligt wel lekker voordelig.

 
 

Omdat we de Hollandse vlag voeren, komen de mensen

vanzelf een praatje maken. Dat is leuk. We horen ook

steeds dat er om deze tijd helemaal geen buitenlandse

schepen in de fjorden zijn, omdat het nog veel te koud is. 

Ja dat weten wij ook wel! Er ligt nog ijs op de bergtoppen.

Maar we voelen ons hierdoor wel extra stoer. Nog even niet

denken aan de terugtocht.

Dinsdag 24 april willen we door naar Tananger.

Op de ochtend van vertrek zeikt het van de regen,

zullen we wel of zullen we niet? De wind is wel gunstig

en die krijgen we vanaf morgen weer pal tegen. We gaan dus.

De afstanden zijn hier toch wel wat anders als bij ons.

We moeten echt vroeg weg om tegen donker aan te komen.

We hebben een prima tocht gehad, alleen van het begin tot

aan het eind regen. We zijn doorweekt en verkleumd.

Jammer dat je door de regen zo weinig van de kust kunt zien.

Het eerste stuk door de fjorden is prachtig, daarna moeten

we verder over zee. We hebben van dit gebied alleen

papieren kaarten, dus kunnen we mooi al onze navigatiekennis

in praktijk brengen. Er is hier heel veel grote scheepvaart,

wederom honderden rotseilandjes en slecht zicht.

Maar dat gaat beslist lukken.

 
 

Ons schip is eigenlijk te groot voor de haventjes hier,

we hebben dus wel steeds problemen om een plekje te vinden,

Uiteindelijk meren we af aan de steiger van een hotel.

Verder ook geen voorzieningen, maar we kunnen wel internet

tijd kopen, waardoor we de weerkaarten weer kunnen

ophalen. Die zien er deze keer goed uit.

Een dagje rust, even Tananger verkennen.

 
 

Prachtige Noorse huizen, mooie kleuren, vergezichten,

zee en rotsen, maar verder werkelijk niets te beleven.

 

Donderdag 26 april 2007 vertrekken we naar Stavanger.

Nevelig, maar heerlijk warm. Zo’n 10°. Een korte trip van

14 mijl. 25km Heel relaxed, het lijkt wel vakantie,

Om 12 uur leggen we aan in de oude haven van Stavanger.

Het is een prachtig gebouwde stad, jammer dat ze op dit

moment het havenfront grootscheeps aan het renoveren

zijn, maar daar moet je dan maar doorheen kijken.

 
 

Stavanger.

Gefeliciteerd, het eerste doel bereikt.

Het winkelgebied is erg internationaal, mooie boetieks,

chique winkels. Alles in en om de berg waardoor je

allerhande mooie doorkijkjes krijgt. We hebben wel

moeie pootjes!

De haven is echt het centrum van het uitgaansgebied

van Stavanger. Overal terrasjes, en beredruk. De Noren

komen in hun speedbootjes hier naar toe om even een

pilsje te pakken, dat geeft veel reuring in de haven.

Het is 10 uur ’s avonds en ze zitten nog luidkeels mee

te zingen bij de cafés, terwijl het nu best al koud is.

 

 

Ter verhoging van de vakantievreugde heb ik een

Caribbean coffee en Roderick een bier besteld. We zijn

nog niet helemaal thuis in de Noorse kronen.

Het biertje was €9,75 en mijn koffie €11,- maar erg lekker.

 

 

Je kunt hier verder van alles eten, behalve Noors. Thais,

chinees, falafel, fastfood, wat je maar kunt bedenken.

 

 

We gaan nu de rest van de planning maken, op zoek naar

de Preikestolen. Een bergtop in de Lysefjord. Op internet

en in de boekjes gevonden, nu eens kijken of wij hem ook

in het echt kunnen vinden. Dit hebben we onszelf eigenlijk

ten doel gesteld. Kaarten erbij, route uitvogelen, kunnen

we daar varen? Hoe hoog is die brug? En die

hoogspanningskabel?

 
 
 

De Noorse kaarten blinken niet uit door duidelijkheid.

De diepte is geen probleem, de dieptemeter slaat regelmatig

op tilt, omdat de diepte niet meer gemeten kan worden.

Hij gaat maar tot 150 meter diepte.

In de Lysefjord is het tussen de 300 en 400 meter diep.

De weg vinden tussen alle eilandjes is niet simpel.

Morgen vertrekken we.

 

vrijdag 27 april 2007

 

Van Stavanger varen we door de Hogsfjord naar de Lysefjord,

waar de Preikestolen zich bevindt. Met schitterend helder

weer, een graad of 11, zeilen we door een doolhof van

eilandjes in de Hogsfjord, werkelijk beeldschoon. Alleen

op de wereld onder een Noorse helder ijsblauwe lucht,

in een sprookjesachtig decor.

 

Na een paar uur zeilen komen we bij de ingang van de

Lysefjord, onder deze brug door.

 
 

Ben benieuwd, wat we aantreffen.

We hebben de zon achter, dus prachtig licht

om te kijken. Alle fototoestellen liggen stand-by. Het is

echt heel, heel erg mooi. Hoge rotsen, zo’n 600/ 700 meter

hoog, een enorm bergmassief, waar je vanaf het water

tegenop kijkt. Je kunt ook zien met welk een enorm geweld,

dit massief uit de aarde geperst is. De steenlagen lopen af

en toe diagonaal. Erg indrukwekkend. Nu op zoek naar de

Preikestolen. De preekstoel dus. Het ene uitzicht is nog

mooier dan het andere.

 
    
 

 

 

Het is nog heel lastig om te vinden vanaf het water.

Het is allemaal zo groot en zo hoog. Op alle ansichtkaarten

zie je het van bovenaf, nu blijkt er ook nog 500 meter

onder te zitten. Vrijwel niet te fotograferen dus. Maar

we zijn beretrots dat we hem gevonden hebben op

eigen kracht. We varen hier helemaal in ons eentje en

hebben de kans alle kanten goed te bekijken. Erg

indrukwekkend allemaal. We tuffen nog een heel stuk

de fjord in, het is eigenlijk allemaal onbeschrijfelijk mooi.

 
   
 

Zo zoetjes aan moeten we terug, de avond gaat al vallen,

we hebben een ankerplekje gezocht in de Vika baai,

aan het begin. Een stukje paradijs. Daar eten we lekker en

zitten nog na te genieten.

 
 

Doodmoe van alle indrukken. Helaas zijn er behoorlijk

sterke valwinden en wil het anker niet goed houden.

We drijven naar de rotsen toe, die we erg mooi vinden,

maar zo mooi nu ook weer niet, dat we er tegenaan

willen raggen. Ieder paradijs heeft zijn eigen addertje.

Anker op dus en op zoek  naar een plaats waar we

kunnen overnachten.

 

In een jachthaventje aan het begin van de kloof onze

boot neergelegd. Kennis gemaakt met een aantal Noren,

één werkt bij de Kustwacht, hij kwam later nog even naar

onze veiligheidsuitrusting kijken. Vond hij prima in orde.

Fijn gevoel. We mochten aanschuiven bij hun barbecue,

we hebben dus een fles port en een kruikje Schippersbitter

meegenomen, zelf hadden ze wodka en wijn.

We hebben een erg leuke avond gehad. De Noren dragen

allemaal overalls. Die zie je bij ons haast niet, daarbij ook

nog voor een prijs, die je bij ons zeker niet ziet. We gaan

morgen naar Sandness, en daar moet een winkel zijn, de

Europris, die ze ons aangeraden hebben.

 

De volgende morgen al weer vroeg op pad, het is 5 uur

varen, weer een prachtige tocht.

 
 

Je kijkt echt je ogen uit.

 
   
 

Afmeren, winkel zoeken, blijkt een soort Praxis te zijn,

ze verkopen van alles.

 
 

Er hingen nog 2 survival pakken in onze maat, hebben

we gewoon midden in de winkel aangepast en meegenomen

voor 999,-NK (€120,-) per stuk. We hebben nog veel meer

gekocht.

Dan komt het afrekenen. Onze pincard werkt daar niet,

cash hadden we niet genoeg, credit card accepteren ze

niet en het jongetje achter de kassa spreekt geen engels.

Uiteindelijk is Roderick bij de boodschappen blijven staan

en ben ik ergens geld gaan pinnen. Betaald, krijgen we

1 klein plastic tasje. Echt een succes. Dus heeft Roderick ze

maar gewoon op zijn nek genomen,

in ieder geval hebben wij een paar mooie pakken.

 
 

Toen moesten we nog op zoek

naar een Shipshop, ons boordlicht is stuk. Iedereen

gevraagd, weet niet, versta het niet, of weet wel maar de

winkel is dicht, 2 mei gaat die weer open. Dat schiet

lekker op. Een bijzonder vriendelijke (boot)meneer

heeft toen zijn auto opgehaald en ons de hele stad

rondgereden. En ja we hebben dus ook weer

boordlichten in reserve. ’s Avonds Sandness bekeken,

uiteraard ook de bioscoop even opgezocht. Alle films

kennen we al, verder hebben we niet zo,n zin in een

Noorse film, dus daar hebben we het bij gelaten.

We gaan eens even in overleg, wat we verder gaan doen.

Het zijn allemaal heel grote afstanden, dus 60 Nmijl naar

boven, moeten we ook helemaal weer terug.  We hebben

gedaan wat we wilden en de weersverwachting voor de

komende dagen voorspelt heerlijk weer. Dat is op zee nog

steeds koud zat, op de bergtoppen ligt nog sneeuw,we

zakken af naar het zuiden, terug naar Egersund.

 Dat wordt een tocht van 10 uur langs de kust.

Ook daar is het een prachtige omgeving, waar we

toen we aankwamen bijna geen oog voor hebben

gehad, vanwege de perikelen met Roderick zijn rug.

 

Zondag 29 april 2007

Het is volkomen windstil, we vertrekken vroeg. De fjord is een

plaatje, volkomen glad water. Als we er doorheen gevaren

zijn is het water helemaal gerimpeld, en iedere rimpel

draagt onze naam.

 

 

 

 

 

 

Als we eenmaal buitengaats zijn, is het ook op de Noordzee,

spiegelglad. Fascinerend de 2 gezichten van de zee, de ene

keer woest en ongenaakbaar en nu zo lieflijk. Dat maakt het

zeilen ook zo boeiend.

Je moet je voortdurend aanpassen aan de elementen.

We zijn maar zo’n nietig deel in het geheel.

We hebben een hele mooie trip, vlak langs de kust,

die we dus op ons gemak kunnen bekijken.

Heel relaxed allemaal. Maar er moet ook gewerkt worden…

 
 

Om 18.00 uur moeten we vanuit de zee de doorgang tussen

de eilanden zien te vinden naar de noordelijke entrance naar

Egersund. We puzzelen, peilen, rekenen, verrekijker, kaarten

erbij en ons gezonde verstand, en nog gaan we bijna de

verkeerde kant van het eiland om. Gelukkig ziet Roderick

nog net op tijd de rots onder water. Toen we hier vorige

keer voeren, goot het van de regen, nu varen we door

een Eftelingdecor, overal huisjes, hutjes, boothuisjes,

heel idyllisch.

 

 

Ze maken hier gebruik van hele slimme bakens.

Een soort handje dat wijst aan  welke  kant je moet passeren.

 

 

 

In de haven van Egersund voor de eerste maal afgemeerd

aan een mooring, nou dat valt nog niet mee, helemaal niet

als je zo moe bent. Maar we liggen er prinsheerlijk bij.

 
 

We vragen een internet verbinding aan voor de Gjestehavn

Egersund, we hebben alle codes, maar het wil niet lukken.

We moeten de weerkaarten ophalen, want als het zo mooi

blijft maken we nu de retour-oversteek. Havenmeester erbij,

zijn computer erbij, zijn vrouws computer erbij, niets lukt.

Morgen weer een dag. Maandag 30 april gaat Roderick maar

weer naar de bibliotheek, daar kun je ook een internet

verbinding maken. Er is een prima “weather window”

een enorm hoge drukgebied over het gehele zeegebied

waar we doorheen moeten, met verwachte wind van

3 a 4 Beaufort vanuit het noorden.

Vanaf vrijdag komen de depressies en fronten weer opzetten.

We hoeven hier niet lang over na te denken, we pakken onze

kans. Water en diesel tanken, brood kopen en we gaan er

vandoor. Diesel tanken wordt een groter probleem dan

gedacht. Er zijn hier een aantal dieselstations aan het water,

maar of niet bemand, of ze accepteren geen credit card of

ze hebben een een extra vrije dag, want morgen is het 1 mei

en is iedereen vrij. Dat schiet dus niet op. In een winkel

hebben ze voor ons een telefoonnummer geregeld,

Roderick kon contact opnemen, er was nu nog iemand.

Okay gebeld, ja nu was hij er nog, maar hij ging zo weg,

woensdag of zo weer terug. Wij naar de bank gesjeesd,

in de hectiek een veel te groot bedrag in Noorse Kronen

gepind, snel naar de boot, snel met het schip naar de Shell.

In de scheepswinkel van Bøe nog een hele lading

handschoenen gekocht, we hebben geen zin meer in

drijfnatte handschoenen. Zo, hè, hè we kunnen weg.

 

 

We starten met lekker zonnig weer, ja wel 3 broeken,

3 truien en de rest aan, maar toch!

Maar waar is de wind? We kiezen nu voor comfort,

motor aan dus. Mooie zonsondergang, heldere maan,

en toen kwamen we in de potdichte mist. Van 23.00 uur

tot de volgende dag 14.00 uur. En een vocht! De druppels

hangen aan de zeereling. Het laatste wat je kunt zien is

de punt van de boot. We wisselen iedere 3 uur af, daarna

duiken we om en om op de bank.

We turen de hele tijd op de radar. De hele week zijn er

al waarschuwingen, dat er kabels van 8000 meter

( 8 kilometer dus) versleept worden.

Maar de Noorse mevrouw verstaan we niet zo goed,

ook niet als ze engels spreekt. Alleen de aanhef:

Alle Båte, Alle Båte, Alle Båte,

Roderick trof de sleep vanavond tijdens zijn wacht.

Hij werd opgeroepen door het ‘guardian vessel”, die dacht

dat hij een visser was. Dat kon Roderick natuurlijk niet

over zijn kant laten gaan, dus nu weet iedereen in de buurt

dat Sailing Yacht Happy Bird hier in de nacht rondscharrelt.

Hij heeft nog even met de officier van dienst gebabbeld,

die vertelde dat wij voor een zeiljacht “extremely good”

te zien waren op de radar. Daar zijn we wel heel erg blij

mee, hebben we niet voor niets zoveel geld uitgegeven

aan de nieuwste radarreflector. De gehele electronische

equipment voldoet deze reis tot nu toe uitstekend.

We hebben er echt profijt van.

Verder hadden we nog een passagier mee.

Kom ik dik ingepakt naar buiten om een koude man af te

lossen, fluistert ie, stil nou, stil nou, pas op mijn vogeltje!!!!

 
 

?????  Er vloog steeds een vogeltje om hem heen, bleef weer

een poosje zitten, beetje kwetteren, een zwaluwtje. Ik was

als de dood, dat ik in het donker op hem zou gaan staan,

naderhand heeft Roderick ook nog per ongeluk geprobeerd

hem met een kussentje te pletten, maar ook dat is niet

gelukt. Nu is hij weggevlogen.

 

Het is nu dinsdag 1 mei, de mist is nog steeds niet

opgetrokken, nog steeds geen wind, maar ook geen zon,

we hebben nog een paar keer geprobeerd te zeilen, maar

dat wil toch echt niet lukken, dan dobberen we hier

vrijdag nog. Eigenlijk de saaiste dag van de hele trip.

Grijze zee, grijze wolken, kil, klam, de hele dag uitkijk

houden; totaalscore van de dag: 1 schip en 1 zeemeeuw.

Tussendoor ga ik maar eens aan ons reisverslag knutselen

en we moeten voorslapen voor de komende nacht.

We zijn nog steeds gekleed als Michelin-mannetjes.

De nacht is dit keer leuker dan de nacht, niet zo koud,

niet zo ondoorzichtig donker en stervensdruk met schepen.

Ik denk dat ze allemaal op mij gewacht hebben, want

Roderick had tijdens zijn wacht niets te doen.

 
 

Roderick z’n vogeltje is ook weer terug.

Knap dat hij ons weer gevonden heeft.

 

Er komt een schip recht op ons af, al een hele tijd.

We besluiten hem toch maar eens op te roepen;

gelukkig heeft hij ons al gezien, hij heeft zijn koers al

een paar graden verlegd voor ons, maar het zou prettig

zijn als wij ook nog wat zouden uitwijken, want hij is

een volgeladen tanker van 500 meter….die moet dus

wijken voor ons….

Tussen 23.00 en 02.00 uur heb ik mijn handen vol gehad,

zoveel kruisende schepen. Ieder schip, dat op de radar

verschijnt, moet je nader bekijken. Op de radar hebben

we Marpa, die rekent voor ons uit welke koers en vaart

het kruisende schip heeft. Vissers echter zwalken heen

en weer, trekken zich nergens iets van aan en hebben

altijd voorrang. Van de andere schepen moet je uitrekenen

wie er voorrang moet verlenen en/of wij niet beter een

paar graden kunnen uitwijken, maar soms zit je als een

spin midden in een web van kruisende schepen, dat is

echt zweten. En je weet nooit zeker of ze je gezien hebben.

Maar zo gaat de wacht wel snel voorbij. Roderick deed van

02.00 tot 05.00 uur en die had een makkie.

Ik ging weer om 05.00 uur op en had niet nog niet eens één

been in mijn pak, toen er al weer 3 schepen op de radar

verschenen. Roderick lachen in zijn slaapzak.

Ik heb me de hele shift rot gewerkt.   

 

Het is onderhand woensdag geworden, en we hebben nog

steeds geen wind.  We  beschouwen het maar als de

ultieme motortest. De motor doet het fantastisch,

zonder een hapering.

We zitten nu op het zuid- centrale deel van de Noordzee

en varen richting Vlieland. We moeten nog een dag en

een avond. Het zonnetje breekt door, het is hier

beduidend warmer. De wereld ziet er meteen een

stuk vriendelijker uit. We ontbijten lekker samen buiten,

de één vaart, de ander rust en kijkt lekker om zich heen.

 

Om 12.00 uur komen we weer op het Nederlandse gedeelte

van de zee. Jammer dat we geen foto van ons tweetjes

kunnen maken….Blijkt dat we een zelfontspanner hebben

in ons digitale toestel, dus piepklein schroefstatiefje

geïnstalleerd, een beetje aanrommelen en zie daar een

pracht foto van ons tweetjes in onze super de luxe

survivalpakken.     “ Wir haben es geschaft” Nog ongeveer

10 uur varen naar Vlieland.

 
 

Een paar mijl voor Vlieland begint het ineens te waaien,

nu dan zullen we zeilen ook. Hè lekker!

Vlak voor de aanloop begint het echt hard te waaien,

net als je vanuit zee dwars op de golven het zeegat tussen

Vlieland en Terschelling doormoet. We moeten er nog echt

aan trekken, maar zo leggen we aan en kunnen we lekker

slapen. Niet dus.

Komen we de haven binnen: mudvol, we kunnen er niet

meer bij, en moeten in ons achteruit weer weg.

 
 

Niet te geloven! Wat nu, we gaan voor anker in een geul

net voorbij de Veerpont haven, maar omdat het zo waait,

en de stroom na verloop van 6 uur 180° draait, moeten

we ankerwacht houden. Als we hier van ons anker slaan,

lopen we op een zandplaat en daar zitten we niet op te

wachten. Balen….

Om 5 uur slaap ik eindelijk. Om 9 uur gaan we weer anker

op en in één keer door naar huis.

We kunnen de complete tocht, zo’n 60 Nm (115 km) naar

huis zeilen. Het is een supertocht.

’s Avonds liggen we in ons eigen bedje in Harderwijk.

 

 

We zijn supertrots op onszelf en op ons schip. We hebben

het toch maar mooi klaargespeeld! Nu gaan we nog een

weekje spelevaren en warm worden.    

 

 

 

 

 

                          Groetjes van Roderick  en Yvonne

 

 

 

a.b. Jeanneau 40 DS “Happy Bird”

 

 

 

 

Roderick & Yvonne van der Meulen

Harderwijk